31 oktober 2020

Hulpverleners missen grip op geweld en intimidatie: “Ik voel me tijdens mijn werk vogelvrij”

Bekijk meer artikelen over: Recht en onrecht Bekijk meer artikelen over: Geweld tegen hulpverleners

We krijgen verschillende reacties binnen op onze oproep over geweld tegen hulpverleners. Veel mensen krijgen te maken met geweld en intimidatie tijdens hun werk maar lang niet iedereen doet daar aangifte van. “Het is belangrijk om een grens te trekken, anders houd je het niet vol.”

“Ik voel mij tijdens mijn werk vogelvrij. We hebben als maatschappij geen grip meer op het geweld. Er is een laag in de samenleving die overal mee weg komt”, stuurt een ambulanceverpleegkundige ons. En een medewerker op de eerste hulp laat weten: “Voor de covidcrisis hadden we al verschillende incidenten op de spoedeisende hulp. Maar de laatste tijd zien we meer intimidatie en met name bezoekers die de regels aan hun laars lappen. Het heeft al wel tot wat escalaties geleid.” 

Twee weken geleden plaatsten we een eerste oproep binnen ons onderzoek naar geweld tegen hulpverleners. Verschillende reacties komen binnen van mensen met een publieke functie die de ervaringen uit onze oproep herkennen. Ook zij krijgen regelmatig met geweld te maken tijdens hun werk.

Volgens conflictexpert Caroline Koetsenruijter is een deel van het probleem dat veel organisaties geen duidelijke protocollen hebben over hoe ze omgaan met geweld op de werkvloer. Ook wordt er volgens haar te weinig aangifte gedaan van geweldsincidenten bij hulpverlenende instanties.

We krijgen een bericht van Carla de Bruyn. Ze is teamcoach veiligheid en wordt regelmatig ingeschakeld door zorginstellingen voor advies over veiligheid. We spraken haar ook een paar jaar geleden voor ons onderzoek naar agressie in de GGZ. Ook zij ziet dat organisaties vaak geen protocollen hebben over hoe ze hun werknemers moeten ondersteunen en beschermen bij geweldsincidenten.

Angst bij aangifte

“Ik zie het wel vaker goed gaan dan vroeger, maar dat is toch bij de minderheid van de zorginstellingen. Bij een GGZ-instelling waar ik veel werk hebben ze afgesproken dat er altijd aangifte wordt gedaan bij geweld. Niet door de medewerker, maar de werkgever doet dit altijd. Maar bij veel instellingen bestaat zo’n beleid niet. Daar moedigen ze werknemers aan om aangifte te doen bij agressie, maar dan zie je dat het toch vaak niet gebeurt. Mensen willen de tijd er niet in steken of ze vragen zich af of het veilig is. Ze zijn bang voor wraak en represailles van de dader.”

Angst is iets wat we ook terugzien in de reacties die we krijgen. “Ik heb zelf tien jaar in de verslavingszorg gewerkt en het werd ons nagenoeg afgeraden om aangifte te doen. Je wordt (in de aangifte) met naam en adres vermeld, mocht het tot een zaak komen. Ik had niet veel zin om een agressieve cliënt voor mijn deur te hebben”, laat een hulpverlener ons op Facebook weten. Volgens De Bruyn is het juist daarom belangrijk dat werkgevers de aangifte op zich nemen. 

Inhaalslag

De Bruyn ziet wel een ontwikkeling in hoe er gekeken wordt naar geweld door hulpverleners. “De GGZ heeft bijvoorbeeld wel echt een inhaalslag gemaakt. Daar werd geweld toch vaak als iets gezien wat bij het werk hoort. Nu hebben ze geleerd een grens te trekken.”

En volgens de Bruyn is dat erg belangrijk. “Hulpverleners zijn vaak mensen die in het werk het belang van de ander vooropzetten, anders zou je ook niet zo’n beroep kiezen. Maar ik zie daardoor soms ook dat ze de daden van anderen snel goedpraten en geen aangifte willen doen. Ze hebben veel begrip voor mensen die zichzelf niet onder controle hebben en voor de emotionele situaties waarin mensen zitten. Maar het is belangrijk om wel een grens te trekken, anders houd je het niet vol.”