Brengt oneerlijke zaken aan het licht op basis van datajournalistiek

Persvoorlichters Corona virus staan media te woord, stroom aan tekstballonnen

Het coronavirus: gevangen tussen misinformatie en fake news

Het is moeilijk te checken wat waar is als het om het coronavirus gaat

Persvoorlichters Corona virus staan media te woord, stroom aan tekstballonnen

Bij mondiale rampen als het coronavirus, is onze reflex als journalist: wat kunnen wij toevoegen aan de berichtgeving? Maar wat doe je als je je onderzoek wil baseren op cijfers en je sterk twijfelt aan de betrouwbaarheid daarvan? Bij Pointer worstelen we daarmee. Onze slogan is: harde cijfers, goed verhaal. Maar hoe hard zijn die cijfers? Wanneer weten we of onze datasets compleet zijn? Of dat er geen statistieken worden achtergehouden om aan damage control te doen? Een zoektocht naar wat waar is. Of waar lijkt te zijn.

Coronavirus grijpt om zich heen in Verenigd Koninkrijk’, het staat in koeienletters op de home van een landelijke krant. Doembeelden poppen op. Een spookachtig London, met lege straten en dubbeldekker bussen, een verlaten Piccadilly Circus, Buckingham Palace in quarantaine. Eén muisklik ben ik verwijderd om verder geïnformeerd te raken. Twijfel slaat toe. Want wil ik dit wel weten? Het komt nu wel heel dichtbij. Klik. De journalist wint het van de doemdenker. De eerste zin van het artikel: ‘In het Verenigd Koninkrijk is bij nog eens vier mensen het nieuwe coronavirus vastgesteld. Het totale aantal daar ligt nu op acht’. Het is een verdubbeling van het aantal geïnfecteerden, dat wel. Maar ‘grijpt om zich heen’? Misschien wat hijgerig als je bedenkt dat in China op dat moment het aantal besmettingen staat op 40.235, overleden zijn er dan 909. Althans, als je de officiële cijfers van de Chinese overheid moet geloven. Want communistische regimes hebben er een handje van om de waarheid nog wel eens te verbloemen.

Chernobyl

Op het spreekwoordelijke nachtkastje ligt Midnight in Chernobyl van Adam Higgingbottom. Niet de meest rustgevende keuze op het moment van een wereldwijde virusuitbraak. In het boek wordt aangehaald hoe misinformatie en het achterhouden van de waarheid desastreuze gevolgen heeft. Terwijl de Oekraïense inwoners van het dorpje Pripyat in alle rust de tuintjes aanharken, stoot de ontplofte kernreactor van de nabijgelegen Chernobyl-centrale al enkele dagen een giftige rookpluim uit met waarden die honderden keren de toegestane hoeveelheid radioactiviteit overschrijden.

‘Factchecken is onmogelijk als geheimhouding volkssport nummer 1 is’

Op het platteland in Wit-Rusland wordt de landbouwgrond blootgesteld aan zwarte, radioactieve regen. Volgens de Russische autoriteiten was er geen reden tot paniek, er zouden slechts twee doden zijn gevallen. Het duurt enkele dagen, radioactieve wolken hangen inmiddels boven andere Europese landen, voordat de lokale bevolking wordt geëvacueerd om nooit weer terug te keren. De ondertitel van het boek is The untold story of the world’s greatest nuclear disaster. Het woord untold krijgt een dubbele lading: nooit eerder verteld omdat het niet de bedoeling was dat het überhaupt ooit verteld zou worden.

Buiten Rusland slaan sommige media naar de andere kant door. The New York Post meldt dat er tweeduizend doden gevallen zijn. De bron: een Amerikaanse correspondent in Moskou die op z’n best steenkolen-Russisch spreekt. Had hij het goed verstaan? Tweeduizend doden? Factchecken is onmogelijk in een communistische staat waar geheimhouding volkssport nummer 1 is. Desondanks prijkt op de voorpagina van de Amerikaanse krant ‘2.000 DIE IN NUKEMARE’. Nederland doet ook nog een duit in het zakje van hysterische berichtgeving. Op de radio wordt melding gemaakt van twee ontplofte kernreactoren, terwijl het toch echt maar om één geval gaat. Erg genoeg, maar wel een wereld van verschil.

Hoe realistisch de berichtgeving momenteel is rondom het coronavirus, blijft de vraag. Fake news is van alle tijden, het is geen nieuw fenomeen. We worden heen en weer geslingerd tussen meningen en berichtgeving. Het loopt uiteen van ‘het is niet erger dan een gemiddeld griepje’ tot ‘we krijgen te maken met een wereldwijde pandemie’.  

Dus hoe zit het nu?

In de auto, op weg naar de redactie, wordt op de radio verkondigd dat de mondkapjes niet aan te slepen te zijn. In Nederland! Is het echt zo dat de schappen bij de Etos en Kruidvat leeg zijn en dat mensen massaal in de rij staan bij de kassa, hun armen gevuld met dozen mondkapjes, ontsmettingsmiddel en desinfecterende zeep? Een kleine online-zoekopdracht op onze redactie leert dat de felbegeerde gezichtsmaskers in alle soorten, maten en hoeveelheden in ieder geval online gewoon te verkrijgen zijn. ‘Voor 23:59 uur besteld, morgen in huis’, wordt beweerd. Dat valt dus wel mee. Waar haalde die radiojournalist zijn informatie vandaan om te zeggen dat we massaal aan het hamsteren van mondkapjes zijn geslagen?

Een kleine paniekaanval maakt daarna meteen weer meester van me als ik op een internationale nieuwssite lees dat een mondkapje maar één dag meegaat. En dat het beter is om er geen te dragen dan één die je al een dag heeft beschermd tegen het virus. Het kapje zou na een dag al een brandhaard van besmettelijke bacteriën zijn. Dan gaat het snel met de mondkapjes. Hebben we er misschien toch niet genoeg? Zijn ze daarom niet aan te slepen? En klopt deze bewering dan eigenlijk wel?

Met dit soort vragen worstelen we op de redactie van Pointer. Wat kunnen wij publiceren over het coronavirus, inmiddels omgedoopt tot Covit-19? Wat valt er voor ons te analyseren als de bronnen niet betrouwbaar lijken? We komen er niet uit, want waar baseren we onze verhalen op? En niet alleen wij worstelen daarmee, maar ook andere media zien we worstelen. De focus gaat van informatie vergaren naar het blootleggen van misinformatie. Zoveel als er wordt geschreven over het virus, zoveel wordt er ook geschreven over de misinformatie en Fake News rond het onderwerp.

Misinformatie is ook een virus

Hoe de verkeerde informatie een sneeuwbaleffect kan krijgen, hebben onze collega’s van The Guardian uiteengezet. Op social media circuleert een kaartje waarop te zien is hoe het virus zich wereldwijd verspreidt. Als je een blik werpt op de wereldkaart lijkt het alsof een kind met een dikke rode pen er helemaal op los is gegaan, de schrik slaat je om het hart.

Wereldkaart verspreiding virus

Alleen… de kaart is volledig uit zijn verband gerukt. Het is een overzicht van alle vluchtbewegingen boven de aarde in 2010. Het heeft niks te maken met het coronavirus. De vergissing zit in het feit dat dit kaartje is gemaakt door een Britse professor die toevallig ook over het coronavirus heeft gepubliceerd. Zijn instituut had met de beste bedoelingen het kaartje verspreid gewoon om wereldwijde connectiviteit via vluchten te illustreren, niet als een verspreidingsmodel van het virus’. Niet zo slim, maar dommer kan je de Britse media noemen die blind aannemen dat de kaart klopt en erover berichten: dit is hoe het virus zich verspreidt. Paniek compleet. Misinformatie als virus.

Jubelstemming

De Chinese overheid heeft een belangrijke rol gespeeld in het verhullen van de waarheid rondom het coronavirus. Net zoals bij Chernobyl probeert de overheid eerst te doen aan damage control. Beperken van gezichtsverlies ten opzichte van andere mogendheden kan nog wel eens prioriteit krijgen. Cijfers over het aantal besmettingen lijken niet betrouwbaar en een kritische Chinese fotojournalist, die vanuit de besmettingshaard Wuhan bericht, verdwijnt van de een op andere dag. En kritische journalisten van buitenlandse media worden China uitgezet. Inmiddels heeft de regering de regie overgenomen in de media. President Xi Jinping, getooid met mondkapje, laat zijn temperatuur meten tijdens een persmoment

Even lijkt er meer openheid en duidelijkheid te komen. Maar dat verandert direct weer als de afgelopen week er een andere manier van registreren wordt ingevoerd en het aantal besmettingen in een dag stijgt naar ruim 60.000. Dat zijn er in één dag bijna 15.000 bij. En het aantal doden staat plots op 1.310. Maar wat dan weer verwarrend is aan deze cijfers, is dat ze alleen gecorrigeerd zijn voor de provincie Hubei waar het virus is ontstaan en waar de meeste gevallen zijn. Over de rest van China zijn geen gecorrigeerde cijfers bekend. 

Dus hoe groot is het probleem nu eigenlijk? Niet alleen journalisten zitten met hun handen in het haar, maar nog belangrijker: epidemiologen en wetenschappers drijft het ook tot wanhoop, want zij zijn ook afhankelijk van deze cijfers. Hoe meer zij weten over de omvang, hoe beter zij weten wat ze moeten doen. En uiteindelijk is dat wat we allemaal willen: dat er straks berichten circuleren dat het virus is ingedamd. Of we het dan moeten geloven…. 

Meer over Actueel

Elke week de beste verhalen in je mailbox