3 november 2020

Wonen bij een gasveld: “De bodem onder mijn huis daalt, maar waardoor?”

Bekijk meer artikelen over: Wonen en leefomgeving Bekijk meer artikelen over: Heel Holland Zakt

We moeten diep door de knieën om door het kleine deurtje de vijfhonderd jaar oude rietgedekte boerderij in het Drentse Wapserveen binnen te kunnen stappen. Maar eenmaal in de woonkeuken blijkt dat meer dan de moeite waard. We zien eeuwenoude balken, een originele bedstee en een waar knechtenzoldertje. “Een boerderij als de onze valt buiten alle standaarden.”

Na de derde uitzending in ons onderzoek Heel Holland Zakt stroomt onze mailbox vol met reacties. Daaronder is ook een bericht van Theo van Waart, eigenaar van een vijfhonderd jaar oude boerderij in het Drentse Wapserveen. Theo mailt ons dat hij niet zoveel vertrouwen heeft in het funderingslabel dat woningtaxateurs vanaf volgend jaar gaan gebruiken. “Net als het energielabel zal het wel uitgaan van standaarden, en een boerderij als de onze valt buiten alle standaarden.” Die boerderij willen we weleens zien dus we stappen in de auto naar Drenthe. Bovendien heeft Theo nog iets anders dat hij wil laten zien; de bodem bij zijn huis daalt. 

Fundering van varkenshuid
Theo begint zijn verhaal bij de buitenmuur. Toen hij een paar jaar geleden onderhoud deed aan de buitenzijde van zijn huis, stuitte hij op een vreemd materiaal. Het bleek varkenshuid te zijn; dat werd vroeger voor de fundering gebruikt. Theo: “Ik denk niet dat dat in het rijtje funderingssoorten van het model voorkomt.”

Uiteraard is het ook niet stabiel, meent Theo. “Maar omdat de oude steentjes van mijn boerderij ‘zacht’ zijn en de muur gemetseld is met ‘zacht’ kalkcement hoeft dit geen probleem te zijn.” Hij wijst naar de gemetselde schoorsteen van zo’n drieduizend kilo die in een kist aan de voorgevel hangt: “Die constructie is al een eeuw 17 centimeter doorgezakt. Dat hangt daar dus prima. Maar ook dat soort dingen zullen niet in modellen worden opgenomen.”

“Krijg ik straks de rekening van de gaswinning hier?”
Na de rondleiding komen we tot de werkelijke reden van ons bezoek. Theo maakt zich namelijk zorgen om heel iets anders dan zijn fundering van varkenshuid. In zijn directe omgeving wint het Canadese bedrijf Vermilion gas uit een van de 240 zogeheten ‘kleine velden’ die Nederland rijk is. De helft van deze kleine velden ligt op de Noordzee en de helft ligt op het land. Samen zijn ze goed voor de helft van de Nederlandse gasproductie, schrijft de overheid. 

De bodem onder Theo’s boerderij daalt, maar het is onduidelijk of de gaswinning daar iets mee te maken heeft. “Een paar jaar geleden heb ik hier een aantal vrachtwagens met aarde in de boomgaard gereden, maar dat is nu allemaal weg. De vloer in het voorhuis is ook gedaald ten opzichte van het gebint. De bodem daalt, dat is duidelijk. Maar waardoor?” Theo is bezorgd dat het gasbedrijf en de overheid nu profiteren van de gaswinning, maar dat hij straks de rekening krijgt. “Het voelt alsof ik in een rubberbootje zit. Wat er boven de oppervlakte gebeurt, daar heb ik wel zicht op. Maar als er een haai van onderen komt die het bootje stukbijt. Wat dan?”

Auteurs

K.G.

Karen Geurtsen

Redacteur
T.B.

Thijs Boelens

Verslaggever