‘Niet alleen fietsen’ of ‘let op je drankje’. Al van jongs af aan krijgen meiden te horen dat zij verantwoordelijk zijn voor hun eigen veiligheid. Maar in ongeveer zeventig procent van de straatintimidatie-incidenten is de dader een man. Deze straatintimidatie dwingt vrouwen in de publieke ruimte op hun hoede te zijn, blijkt uit onderzoek. Wordt het niet tijd dat we mannen bij deze discussie betrekken? In hoeverre zijn mannen bezig met de veiligheid van vrouwen en hun rol daarin?

Wat is straatintimidatie eigenlijk? Het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid definieert straatintimidatie als een “ongewenste fysieke, verbale of non-verbale toenadering die plaatsvindt in de openbare ruimte”. Dat kan dus zowel seksuele als niet-seksuele straatintimidatie zijn. In onderzoeken door de gemeenten Den Haag, Utrecht, Almere en Tilburg komt naar voren dat het aantal straatintimidatie-incidenten waarbij de dader(s) man zijn varieert van 65 procent tot 79 procent. Uit een onderzoek van de gemeente Rotterdam bleek in 2017 dat in 60 procent van de gevallen seksuele straatintimidatie plaatsvindt in groepsverband.

Onder straatintimidatie kunnen dus veel vormen van ongewenste toenadering vallen. Het gaat van nasissen of -fluiten tot achtervolging. Dat laatste wordt als de meest intimiderende vorm van straatintimidatie ervaren, wees onderzoek van het CBS uit. Naroepen irriteert vooral, namelijk bij 50 procent van de vrouwen. Maar voor een aanzienlijk deel van de vrouwen, 45 procent, roept naroepen ook gevoelens van angst of onveiligheid op.

Gevoelens van angst, irritatie en ongemak zijn het resultaat van straatintimidatie. Maar wat is eigenlijk het doel? Waarom vertonen mannen dit gedrag?

Mannen willen indruk maken op mannen

Straatintimidatie komt vaak in groepsverband voor en sommige onderzoeken concluderen dat mannen dit gedrag vertonen om respect of aanzien te winnen onder andere mannen - ‘een verbetering van hun rang op de masculiniteitschaal'. Simpeler gezegd: de één denkt dus dat de ander hem cool en mannelijk vindt wanneer hij dit durft. Het gaat dan dus niet om indruk maken op vrouwen, maar op mannen.

Marianne Jonker, programmamedewerker seksueel geweld bij het expertisecentrum seksualiteit Rutgers, ziet dit terug bij de jongeren waarmee zij werkt. Deze jongeren hebben al eens seksuele grenzen overschreden en zijn daarom verplicht een training te volgen over seksueel grensoverschrijdend gedrag, bijvoorbeeld vanuit de jeugdreclassering. Tijdens deze ‘Ken je grens’-training komen veel misvattingen en 'delict-ondersteunende opvattingen’ ter sprake.

Jonker licht toe: “Plegers kunnen gewone jongens zijn die door een aantal factoren dader worden. Bijvoorbeeld door een combinatie van groepsdruk en een gebrek aan kennis en ervaring over wat gezond seksueel gedrag is. Ze willen bij de groep horen en passen zich aan aan de norm van de groep, waar bepaalde ongezonde opvattingen onder vallen. Opvattingen zoals ‘als ze met mijn vriend seks wil, dan wil ze dat vast ook met mij’.”

Oproep: laat ons weten waar jij je onveilig voelt!

Pointer wil graag van zoveel mogelijk vrouwen en meiden weten waar zij zich in Nederland onveilig voelen. Voel jij je buitenshuis ook wel eens onveilig als vrouw? Laat ons weten waar!

Mannen onderschatten de impact

“Sommige jongens beseffen het machtsverschil tussen meiden en jongens niet”, vertelt Jonker. “Meiden ervaren hun ongewenste gedrag als intimiderend, simpelweg omdat jongens meestal groter en sterker zijn, of omdat ze in een groep vaak met meer zijn. Voor sommige jongens is het lastig om zich voor te stellen dat zoiets als het naroepen bij een tramhalte in de avond onveilig kan aanvoelen voor meiden.”

Dit strookt met onderzoek, waaruit bleek dat straatintimidatie door mannen veelal werd afgedaan als triviaal en onschadelijk. Jonker ziet dat veel plegers de ernst van hun daden minimaliseren met uitspraken als ‘Zo erg was het allemaal niet’ of ‘Het was alleen maar aanraken’.

Mannen houden macht in stand

Uit verschillende onderzoeken is gebleken dat straatintimidatie klassieke machtsverhoudingen in stand houdt, een verhouding waarbij de macht bij heteroseksuele mannen ligt. Het resultaat is dat mannen wordt aangeleerd dat het hun ‘recht’ is om vrouwen na te roepen voor hun eigen entertainment. En het schept groepsdruk, als je niet meedoet wijk je af van de norm van ‘mannelijk’ gedrag.

Het objectiveren van vrouwen speelt ook een rol bij straatintimidatie volgens onderzoek. Mannen die zich schuldig maken aan straatintimidatie missen inlevingsvermogen in de belevingswereld van vrouwen, blijkt uit onderzoek. Ze ‘verminderen vrouwen tot een verzameling lichaamsdelen’. Deze mannen vergeten of negeren dat de vrouwen die zij naroepen daadwerkelijk mensen zijn met rijke, volledige eigen levens.

Wat als het jouw zusje is?

Om inlevingsvermogen te stimuleren wordt zowel bij Rutgers als Emancipator, een organisatie die zich inzet om jongens en mannen te betrekken bij emancipatie, regelmatig de vraag gesteld: wat als het je zusje is?

Bas Zwiers is één van de trainers bij Emancipator: “Vaak beginnen we met een aantal vragen en cijfers, zoals hoeveel meiden seksueel ongewenst gedrag hebben ervaren. Jongens verbazen zich dan over het aantal meiden in de klas die hun hand opsteken. Ze weten vaak niet dat het zo’n rol speelt voor meiden.” Dit is volgens Zwiers tekenend voor het verschil in hoe jongens en meiden naar dit gedrag kijken. “Ikzelf loop nu ook echt anders door de stad dan 15 jaar geleden. Tegenwoordig sta ik bijvoorbeeld stil bij de manieren waarop een donkere straat eng kan zijn voor vrouwen.”

op pad met boa's

Boa's handhaven straatintimidatie voorlopig vooral met praten

De handhaving van het verbod op straatintimidatie wordt mogelijk effectiever als boa's de politie versterken. In Rotterdam start een pilot en Pointer liep alvast mee.

“Ik krijg van jongens ook weleens de vraag of sommige opmerkingen niet eigenlijk een compliment zijn. Dan vraag ik hen: ‘Stel dat je met je zusje loopt en iemand zo’n opmerking naar haar roept, hoe denk je er dan over?’ Dan blijkt dat ze dat totaal niet kunnen waarderen. Op die manier zetten we zulk gedrag in perspectief. Vervolgens gaan we met hen in gesprek over wanneer en hoe je dan wel een compliment kan geven, of laten ze nadenken over de reden dat ze een compliment willen geven. Vaak vinden jongens het ook oprecht moeilijk om in contact te komen met meiden die ze interessant vinden, en daar kan zulke reflectie ook bij helpen.”

Jongens betrekken

Ondanks een sporadisch artikel of podcast, komt het nog weinig voor dat mannen of jongens grensoverschrijdend gedrag publiekelijk bespreken. Maar het is van groot belang, want een verklaring voor grensoverschrijdend gedrag ligt in de opvattingen die jongens en mannen er op nahouden.

Jonker benadrukt het belang van het bespreken van zulke opvattingen: “Die enge man in de bosjes waar we meiden voor waarschuwen komt maar zeer zelden voor. Het meeste grensoverschrijdende gedrag gebeurt tussen bekenden. Daarom moet je juist met jongens het gesprek aangaan. We willen ongezonde aannames voorkomen en ombuigen naar gezonde opvattingen.”

Van jongs af aan waarschuwen we van huis uit meiden om hun gedrag aan te passen voor hun eigen veiligheid. Maar het is tijd om jongens en mannen te betrekken en hen ook verantwoordelijk te stellen om seksueel grensoverschrijdend gedrag te voorkomen. Dat begint met bewustwording en het achterhalen van de motivatie. Want zoals Emancipator al mooi verwoordt: "Om gendergelijkheid te bereiken moeten ook mannen veranderen.”

Wil je op de hoogte blijven van dit onderzoek?

Elke week sturen we je onderzoeksverhalen, tips van de redactie, en verhalen die je nog van ons kan verwachten.

Makers

Stagiair