15 februari 2021

Carnaval moet einde maken aan rivaliteit in fusiegemeente Sittard-Geleen: ‘Dit moet stoppen’

Bekijk meer artikelen over: Wonen en leefomgeving Bekijk meer artikelen over: Het einde van het ‘echte dorp’

Twintig jaar na het ontstaan van fusiegemeente Sittard-Geleen heerst er bij een deel van de inwoners nog steeds onvrede. ‘Sittard min Geleen’ noemen sommigen het zelfs en dat terwijl Born er ook nog bij hoort. De rivaliteit tussen de inwoners zit diep en dat komt goed naar voren tijdens carnaval. Volgens Geleendenaar Henk van Rens kan deze Limburgse traditie juist zorgen voor verbroedering in deze jarenlange strijd. “Carnaval kan de angel eruit halen, deze rivaliteit moét stoppen.”

Geleen en Sittard hebben hun eigen verenigingen en optochten, ook al vallen ze sinds 2001 onder dezelfde gemeente. Henk van Rens zou willen dat er onderling meer wordt samengewerkt. Vorig jaar plaatste hij een oproep op Facebook om de optochten van beide plaatsen samen te voegen. De optocht van Zitterd (Sittard) werd toen verplaatst door het slechte weer, dus waarom zou Gelaen (Geleen) zich niet bij deze tocht aansluiten, bedacht hij. “We zijn al tot elkaar veroordeeld, maar laten we er dan het beste van maken”, vindt hij.

De een vond het ook een goed idee, de ander verklaarde hem voor gek. Uiteindelijk viel zijn plan vorig jaar in het water doordat de optocht helemaal niet doorging. Ook al was niet iedereen even enthousiast over zijn plan, Van Rens blijft doorzetten. Vanwege corona mag carnaval dit jaar niet doorgaan dus stelt hij zijn wens nog een jaartje uit. “Ik mis het zo, carnaval doet een mens goed.” Nu kan het dus niet, maar normaal rijden er prachtige carnavalswagens door de straten van Sittard-Geleen. “Ze doen het overal anders, maar hier doen we het altijd met praalwagens”, zegt stadshistoricus Peer Boselie, die overigens in Sittard woont. Het is dus een echte traditie in dit deel van Limburg.  

In de afgelopen jaren is het aantal gemeenten in Nederland fors gedaald, van 613 in 1995 naar 352 anno 2021. In Het einde van het ‘echte dorp’ onderzoeken we wat die schaalvergroting van gemeenten eigenlijk oplevert én kost. Voor Sittard-Geleen zorgt het er 20 jaar later voor dat er nog steeds onvrede heerst bij een deel van de inwoners. Zo’n samenvoeging heeft ook gevolgen voor het dorpsgevoel, vreest schrijver Wim Daniëls.

Meerdere pogingen

De bijzondere geschiedenis van beide plaatsen speelt daarin een belangrijke rol. Sittard was een stad en hoorde vanaf 1400 bij het hertogdom Gulik, net als het ambt Born. Geleen was eerder een boerendorp én graafschap dat weer viel onder het Spaanse graafschap en vanaf 1713 binnen de Oostenrijkse Nederlanden. Boselie ziet dat door het samengaan van deze drie soms juist de problemen ontstaan. “Door de verschillende achtergronden van deze plaatsen zitten er meerdere identiteiten in een gemeente.”

Wat daar nog bij komt is een groot economisch verschil. “Geleen had tot 1967 de Mauritsmijn die zorgde voor een groeiende economie waardoor ze boven Sittard uitstegen”, aldus Boselie. Geleen werd bruisender dan zijn buurstad. Na de sluiting van de mijn gebeurde het tegenovergestelde. Doordat Geleen zo afhankelijk was van de mijnen zakte die gemeente weg. Ze hadden te weinig geld om te investeren in de inmiddels even grote stad als Sittard. “Ze kwamen in een verdomhoekje terecht. Dat doet ook iets met je zelfbeeld.”

Wat dat volgens de historicus nog eens versterkt zijn de meerdere herindelingspogingen van de overheid door de jaren heen.

Viermaal scheepsrecht

De gemeente Sittard-Geleen werd pas een fusiegemeente in 2001. Dit was de vierde poging van de overheid om deze plaatsen, met Born daar uiteindelijk nog bij, samen te voegen. De andere drie pogingen waren in 1928, 1941 en eind jaren 70.

Oproep

Woon jij in een fusiegemeente en heerst daar bij veel bewoners onvrede over? Herken je dit verhaal en wil je dit delen? We horen het graag!

Deel je verhaal!

Ieder nieuw herindelingsplan riep veel verzet op, dat tijdens de eerste poging in 1928 voor wel heel veel opschudding zorgde zegt stadsarchivaris Peer Boselie.  Het zat volgens hem zo diep dat fietsers op weg naar de beroemde Sint Joepmarkt in Sittard door Geleendenaars werden gedwongen af te stappen, op hun knieën te gaan en ‘lange leve Geleen’ te roepen.

Carnaval speelt bij dit soort emoties een grote rol. “Het is de beste plek om je ergens tegen af te zetten. Dit is de Limburgse manier van protesteren”, lacht Boselie. “De Geleendenaars zetten zich in maart 1928 in een optocht af tegen de, zoals zij het noemden, annexatie van Geleen.” Via de krant werd opgeroepen om naar de St. Josephmarkt te gaan om te protesteren. Er werd zelfs een heus protestlied gezongen, Gans Gelaen is d'r taege (Heel Geleen is er tegen). Dit kreeg later als carnavalslied een nieuw leven.

Kinderoptocht

Het carnaval speelt dus een belangrijke rol in de rivaliteit tussen Sittard en Geleen. Toch denkt Peer Boselie dat de grote optochten samenvoegen niet gaat lukken, voornamelijk omdat ze tegelijkertijd plaatsvinden en veel meer de wijken in trekken. “Iedere plek heeft ook zijn eigen inside jokes tijdens carnaval, dat kun je niet aan elkaar uitleggen”, vindt Boselie. Of de wens van Van Rens om samen carnaval te vieren dus snel zal uitkomen betwijfelt de stadshistoricus. Zijn voorstel? “Houd de officiële sleuteloverdracht van de prinsen (wanneer de burgemeester het bestuur voor een week overdraagt red.) allemaal op één wisselende plek voor de gehele gemeente Sittard-Geleen.” Dat zou volgens hem ervoor kunnen zorgen dat iedereen zijn eigen identiteit kan behouden, maar zich ook verbonden voelt met elkaar.

Carnval fusiegemeente Sittard-Geleen
Tijdens het carnaval van 1928 lieten de Geleendenaars via deze manier zien dat ze tegen de fusie met Sittard waren. Bron: Archief De Domijnen

Henk van Rens ziet al de eerste voorzichtige stapjes naar dat gemeenschapsgevoel. De Sittardse carnavalsvereniging De Marotte heeft een ‘vorst’ uit Geleen. Verder denkt hij wel dat de grote optochten samenvoegen misschien nu nog een stap te ver is voor de meeste inwoners. Van Rens denkt dat er juist bij de kinderoptochten een kans is, omdat deze niet op dezelfde dag worden gehouden. En er zit nog een reden achter voor hem. “Hoe mooi zou het zijn als de kinderen met de paplepel wordt ingegoten dat we wel samen kunnen gaan. Zij zijn toch onze toekomst.”

Wil je op de hoogte blijven van dit onderzoek?

Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief.

Auteurs

J.V.

Jamie van Velzen

Redacteur