13 november 2018

IVF-kliniek helpt homostellen bij kinderwens: ‘Te gek voor woorden dat ze daarvoor naar het buitenland moeten'

Bekijk meer artikelen over: Gezondheid en zorg

De IVF-kliniek Nij Geertgen start in 2019 als tweede kliniek in Nederland met IVF-draagmoederschap. Voor iedereen, dus ook voor homoparen.

De IVF-kliniek Nij Geertgen start in 2019 als tweede kliniek in Nederland met IVF-draagmoederschap. Voor iedereen, dus ook voor homoparen.  ‘Ik vind het te gek voor woorden dat homostellen, maar ook vrouwen met bijvoorbeeld oncologische klachten, naar het buitenland moeten gaan om daar hun kinderwens in vervulling te laten gaan,'  reageert directeur Marc Scheijven op ons onderzoek Kinderwens, over de strikte regels rondom draagmoederschap in Nederland. ‘Terwijl alle medische en technische ervaring en kennis in huis is.’

UPDATE 21 januari 2021

Vandaag meldt Nij Geertgen dat de eerste homoparen nu in verwachting zijn, via een draagmoeder. Gynaecoloog en medisch directeur van Nij Geertgen Marieke Schoonenberg: “Het bieden van IVF behandelingen voor hoogtechnologisch draagmoederschap was voor ons centrum én in Nederland een grote stap. Deze stap past bij onze missie om er te zijn voor iedereen met een kinderwens, ongeacht seksuele voorkeur.”

In 2016 nam de beroepsgroep NVOG het standpunt in om IVF-draagmoederschap onder strikte voorwaarden mogelijk te maken voor homoparen. Maar de klinieken, waaronder het VUmc zijn huiverig om dat standpunt in de praktijk te brengen. Daar komt in 2019 verandering in. Uit een rondgang onder zestien klinieken blijkt dat twee klinieken draagmoederschap voor homoparen overwegen. Twee gaan daadwerkelijk starten, waaronder Nij Geertgen, in het Brabantse Elsendorp.

Verantwoordelijkheid van de arts

‘Dat betekent dat er voor heel veel stellen een kans gecreëerd wordt in Nederland,' stelt Scheijven.  ‘Heterostellen, lesbische stellen, maar ook homostellen met een kinderwens kunnen voortaan bij ons terecht.’ Medisch ethisch en juridisch wel een spannende stap. Vooral voor degene die medisch verantwoordelijk is: gynaecoloog Marieke Schoonenberg. ‘Mijn grootste angst is dat de draagmoeder aan het einde van een behandeling zegt: “Ja sorry maar dit is mijn kind”.  Waar sta je dan als wensouders? En waar heb ik als medisch directeur dan aan bijgedragen? Heb ik gefaald in de begeleiding? Heb ik gefaald in het juridisch afdichten? Ik ben als arts actief betrokken bij het maken van deze kans. Dus daar zit wel een specifieke taak voor mij als arts.’

De indicatie is een dilemma

Een ander dilemma vindt Schoonenberg de indicatie. Wie komt er bij Nij Geertgen in aanmerking voor een zwangerschap met een draagmoeder?  ‘Als het gaat om het ontbreken van een baarmoeder dan is dat meteen voor iedereen duidelijk. Maar wat is de definitie van het niet-functioneren van een baarmoeder? Dat hebben we met zijn allen niet vastgelegd.’ Daar lopen ook onze tipgevers Twan en Femke tegenaan. Zeven jaar lang proberen ze via IVF-behandelingen zwanger te worden. Dat lukt niet. Maar een medische oorzaak is nooit vastgesteld. ‘Precies. Maar er zijn drie factoren. De zaadcel, de eicel en de baarmoeder. Is het dan echt die baarmoeder? En hoe zeker weten we dat? En welke risico’s wil je daarvoor lopen? Medisch, juridisch, en financieel.’

Per casus bekijken

Schoonenberg begrijpt het gevoel van Twan en Femke dat een zwangerschap met een draagmoeder misschien wel hun laatste en enige kans is op een kindje. Ze kan niet toezeggen dat dit soort gevallen voortaan bij haar terecht kunnen. Maar ze sluit het ook niet op voorhand uit. ‘Als we het gaan doen dan moeten we het goed doen. En dan zullen we het misschien per casus moeten bespreken. En als in dit geval deze dame en heer een heel mooi embryo hebben gemaakt, waarvan je normaalgesproken zou mogen verwachten dat het kan innestelen en het gebeurt niet, bij herhaling, dan zou dat bij ons wel een indicatie kunnen zijn.’ Dat betekent niet dat het traject meteen gestart kan worden. ‘Zowel de wensouders als de draagmoeder en haar partner moeten medisch, juridisch en psychisch gecounseld worden. Meestal duurt dat een half jaar tot een jaar voordat alles goed is. En dat vinden wensouders soms een probleem. Want die zijn al zeven jaar bezig. En dan komt er nog een jaar bij.'

Met elkaar het wiel uitvinden

Al drie jaar wordt er binnen de muren van de kliniek in Elsendorp gesproken over het IVF-draagmoederschap. Schoonenberg denkt dat niet alle vragen beantwoord kunnen worden vóór ze daadwerkelijk van start gaan in 2019. ‘Ik denk dat je er op een gegeven moment een keer mee moet beginnen. Dan kun je de verschillende casussen ook binnen de beroepsgroep van gynaecologen en embryologen voorleggen.’ Ze wil op die manier draagvlak creëren.  ‘Laten we elkaar helpen. En op die manier uitvinden wat wij als beroepsgroep wenselijk en verantwoord vinden. Dat is belangrijk want we begeven ons op een terrein waarvan we nog heel weinig kennis hebben. Natuurlijk hebben we kennis over de alleenstaanden en de lesbische ouders bij wie die kinderen het allemaal prima doen. Maar we kennen ook de verhalen uit de pers komen over problemen met anonieme donoren. En wat is dit dan? Wat gaat dit met zich meebrengen? Dat is het grote vraagteken.’

Het is zeker niet de bedoeling dat mensen een advocaat moeten betalen met een uurloon van 300 euro

Marieke Schoonenberg, gynaecoloog

Wat de behandeling gaat kosten en wie dat moet betalen, weet Schoonenberg nog niet. ‘Dit zal niet vergoed worden. Dat is wel een punt.’ Het is dan niet zozeer de IVF-behandeling als wel de psychische en juridische counseling die het een kostbaar traject maakt. ‘Dat klopt, maar het is zeker niet de bedoeling dat mensen een advocaat moeten betalen met een uurloon van 300 euro.’ De kliniek maakt daarom afspraken met de betrokken psychologen en juristen. Uiteindelijk hoopt Schoonenberg  dat een deel van die zorg in de toekomst toch vergoed zal worden.  ‘Als we met elkaar vinden dat die zorg eromheen essentieel is, dan zou ik het rechtsongelijk vinden dat je dit niet vergoedt.’

Kijk hier onze uitzending terug:

De Monitor
25 min 21 s

De vraag naar draagmoederschap neemt toe. Maar de criteria voor IVF-draagmoederschap zijn in Nederland zo streng dat veel wensouders, waaronder homostellen, nog steeds op het buitenland zijn aangewezen. De beroepsgroep van gynaecologen wil dat hier verandering in komt en adviseert een verruiming van de regels. Maar wat betekent dit in de praktijk? En hoe voorkom je dat het 'wensgeneeskunde' wordt?

Auteurs

K.V.

Karlijn Vernooij

Redacteur