25 februari 2020

Plannen minister Dekker voor de rechtsbijstand leiden tot ‘tweedeling in het recht’

Bekijk meer artikelen over: Recht en onrecht Bekijk meer artikelen over: Geen geld, geen advocaat

Minder rechtszaken, dat is wat minister Dekker van Rechtsbescherming voor ogen heeft. Vaker problemen oplossen zonder dat er advocaten en rechters aan te pas komen. Kan dat? Volgens de minister wel. Maar daarvoor moet wel de hele gesubsidieerde rechtsbijstand voor mensen met een laag inkomen op de schop.

Minder rechtszaken? “Dat klinkt als muziek in de oren”, zegt Reinier Feiner met enig cynisme. Hij is advocaat in het straf- en jeugdrecht in Rotterdam en voorzitter van de Vereniging Sociale Advocatuur Nederland (VSAN). Wij spreken hem voor ons onderzoek ‘Geen geld, geen advocaat’.

Eén van de dingen die de minister voor ogen heeft, is dat mensen minder vaak naar een advocaat stappen, maar eerder naar een hulpverlener uit de buurt. Of zelf hun problemen oplossen met behulp van online-informatie op internet. Ook wil hij dat commerciële partijen zoals de verzekeraars een grotere rol geven bij het verlenen van rechtsbijstand.

Minder rechtszaken, daar kunt u toch niet tegen zijn?

Nee, wij zijn niet tegen minder rechtszaken. Sterker nog: wij zijn helemaal niet tegen oplossingen. Het is van belang, dat je in zo’n vroeg mogelijk stadium een oplossing vindt, ook voor een juridisch probleem. En wat dat betreft werken we graag met minister Dekker mee.”

Wat is dan het probleem?

“Minister Dekker zegt dat het onnodige rechtszaken zijn. De afgelopen vijf jaar is het aantal rechtszaken, in ieder geval in het aantal zaken waarin de sociale advocatuur heeft gewerkt, fors gedaald. Het is dus niet zo dat er alsmaar meer zaken zijn. Dat is een verkeerd frame. In een enkel geval zou het kunnen zijn dat het een onnodige rechtszaak is, maar vaker is de veroorzaker ervan de overheid zelf. En kunnen we eigenlijk niet anders dan procederen.”

U bedoelt dat de overheid door wetgeving waar burgers de dupe van zijn, hen dwingt tot procederen tegen die overheid?

“Zolang de overheid slechte wetgeving maakt voor uitvoeringsdiensten zoals de Belastingdienst, of hoe er met de burgers in Groningen wordt omgegaan met betrekking tot het gas. Als de overheid op die manier burgers blijft behandelen en eigenlijk zelf niet op tijd zegt: ‘Hee, dat doen we verkeerd’, dan moeten burgers hun recht kunnen blijven halen.”

Is die wetgeving echt zo beroerd?

“Ja, ik kan voorbeelden te over geven. Een voorbeeld is de Jeugdwet. Dat is een drama geworden en de bedoeling was dat het allemaal simpeler werd. Dat het minder geld zou kosten en dat deed de overheid door marktwerking in de jeugdzorg toe te laten. Nou, het aantal maatregelen dat bij een kinderrechter komt, is alleen maar gestegen, het aantal uithuisplaatsingen is gestegen. Ja, als je zo diep ingrijpt in het leven van burgers, dan lok je de procedures ook uit.”

Minder rechtszaken. Hoe wil minister Dekker dat bereiken?

“Daar heeft hij een heel scala aan maatregelen voor opgesteld, maar de belangrijkste is: als mensen een juridisch probleem hebben, moet er aan de voorkant, dat noem je de eerste lijn, beter gekeken worden of ook op andere gebieden zoals schulden-, verslavings- en psychische problematiek oplossingen mogelijk zijn. Het gevaar is dan wel dat de overheid aan de voorkant gaat bepalen wie er naar de rechter mag en of daar een advocaat bij nodig is.”

En is dat erg?

“Ja, omdat in de meerderheid van de zaken, zo’n zestig procent, de overheid eigenlijk de vervuiler is. De overheid is degene die verkeerde beslissingen neemt waardoor burgers in de problemen komen. En het is heel goed dat burgers dan toegang hebben tot de rechter om te bepalen of de overheid wel goed heeft besloten. Als die overheid zelf gaat bepalen wie wel of niet naar de rechter mag of recht heeft op bijstand van een sociaal advocaat, dan is het de slager die zijn eigen vlees keurt.”

Wat gaat er voor mensen met een juridisch probleem in de praktijk veranderen met de plannen van minister Dekker?

“De contouren die hij schetst, gaan ervan uit dat als een burger een juridisch probleem heeft, hij eerst verplicht moet aankloppen bij een eerstelijnsvoorziening: het Juridisch Loket. En die gaat bepalen welke oplossing mogelijk is en biedt de burger dan een rechtshulppakket aan.”

Waarom kiest de minister daarvoor?

“Dekker wil niet alleen minder rechtszaken, maar vooral dat het minder geld kost. Dus hij wil dan ook dat die rechtshulppakketten die hij ontwerpt, worden aanbesteed door de markt en de partij (zoals rechtsbijstandsverzekeraars, red.) die tegen de laagste prijs zegt die rechtshulppakketten te bieden. De angst bestaat dat daardoor de kwaliteit van die rechtshulp aan die kwetsbare burgers onder druk komt te staan en slechter wordt.”

Kunt u dat toelichten?

“Als ik een fout maak, dan kun je mij aanklagen op basis van wettelijk tuchtrecht, zoals dat ook geldt voor bijvoorbeeld medisch specialisten. Het is goed dat burgers extra beschermd worden, opdat hun rechtsbijstandsverlener echt voor hun optreedt en dat op een goede manier doet. Daarom worden wij natuurlijk heel goed gecontroleerd en zijn er strenge kwaliteitseisen om als advocaat burgers te mogen bijstaan. Een verzekeraar verleent rechtshulp zónder gespecialiseerde advocaten en zonder tuchtrecht.”

Waar kunnen de plannen van minister Dekker in de toekomst toe leiden?

“Ik denk als op deze wijze de plannen van Dekker doorgaan je zal zien dat de sociale advocatuur wordt vervangen door callcenterachtige kolossen. En dan hebben we een tweedeling in het recht: de mensen die het kunnen betalen hebben nog steeds hoogwaardige specialistische advocatenbijstand. En mensen die het niet kunnen betalen, en die zitten toch al in de hoek waar de klappen vallen, hebben straks toegang tot tweederangs recht. Die kunnen bellen met een anonieme functionaris ergens in een bedrijfskantoor in Nederland. En dat is ongelijkheid die we niet moeten willen in deze maatschappij.”

Auteurs

M.S.

Marjolein Schut

Redacteur