Mishandeling, bedreiging en soms zelfs moord omdat de eer van de familienaam is geschonden. Voor het derde jaar op rij registreerde het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de politie meer zaken: 757 in 2025, 13 procent meer dan een jaar eerder. Inmiddels speelt één op de drie zaken zich af in de Syrische gemeenschap, terwijl dat in 2022 nog één op de vijf was.
In 2024 werd Nederland opgeschrikt door de moord op de achttienjarige Ryan uit Joure. Een jonge vrouw die TikToks maakte en met vrienden op stap ging. Maar dat ‘westerse gedrag’ veroorzaakte grote spanning binnen haar familie en had een fatale uitkomst: haar broers lokten haar naar de plek waar hun vader haar zou vermoorden. De rechtbank noemde het een “tragisch dieptepunt van een familiegeschiedenis waarin onderdrukking van vrouwen de rode draad vormde.”
Zaken als die van Ryan zijn gelukkig uitzonderlijk. In 2025 kwamen er bij het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC EEG) vier meldingen binnen van moord of doodslag, een daling ten opzichte van eerdere jaren. Toch betekent dit niet dat eergerelateerd geweld uit de samenleving verdwijnt. Voor het derde jaar op rij zijn er meer zaken gemeld bij het expertisecentrum. Bedreigingen en mishandelingen vormen hierbij veruit de grootste categorieën, gevolgd door dwang en stalking.
Een verschuiving
Daarbij valt volgens Wilfred Janmaat, chef van het LEC EGG, op dat de stijging niet van de traditionele migrantengroepen komt. “De Turkse en Marokkaanse gemeenschappen, die in de jaren zeventig naar Nederland kwamen, zijn na al die jaren logischerwijs veel groter geworden. Toch zie je dat het aantal eergerelateerde zaken binnen deze groepen al sinds 2008 gelijk blijft.”
De toename van dertien procent lijkt vooral te komen door vluchtelingen uit oorlogsgebieden in het Midden-Oosten. Janmaat: “We zien mensen uit Jemen, Libanon, Palestina, maar voornamelijk uit Syrië. Die hebben nog wat meer moeite om zich te houden aan de normen en waarden die in het westen gelden.” Dat Syriërs daarbij opvallen is een kwestie van aantallen: zij vormen sinds 2013 de grootste groep asielzoekers in Nederland.
Verschillende tempo’s
Maar naarmate zij langer in Nederland zijn, groeit ook de spanning tussen ouders en kinderen. Want kinderen integreren vaak sneller dan hun ouders, weet Janmaat. “Die kinderen gaan naar school, bouwen een netwerk op buiten de eigen gemeenschap en gaan bijvoorbeeld een relatie aan. Terwijl de ouders zeggen: ‘Dat kan niet, want dan kom je aan onze familie-eer.’” Zoals het verhaal van Ryan laat zien, kan deze onderliggende spanning tussen generaties binnen gemeenschappen fatale gevolgen hebben.
Toch is de instroom van nieuwkomers slechts één van de verklaringen voor de stijging van het aantal eergerelateerde zaken. Ook personeelsverloop bij de politie speelt een rol. “Ervaren collega's losten eerzaken vaak op binnen hun eigen eenheid, zonder ons erbij te betrekken. Nieuwe mensen met minder ervaring melden die zaken makkelijker bij ons aan,” aldus Janmaat. Hierin speelt ook mee dat collega’s en instanties als Veilig Thuis en de Raad voor de Kinderbescherming het expertisecentrum steeds makkelijker weten te vinden. De media-aandacht rond de Ryan-zaak heeft daar volgens Janmaat enorm aan bijgedragen.
Een ander perspectief
Als die meldingen binnenkomen, vereisen ze een specifieke aanpak. Want wie eerzaken benadert zoals andere vormen van geweld, mist de essentie, weet Janmaat uit eigen ervaring. Dat leerde hij vroeg in zijn veertigjarige carrière bij de politie, toen hij bij een conflict in een immigrantenfamilie moest bemiddelen. Hij verwachtte een gesprek met de directe betrokkenen: de ouders en een broer. In plaats daarvan zaten zestig mensen hem op te wachten. Terugkijkend beseft Janmaat dat hij de casus door een Nederlandse bril benaderde. “Huiselijk geweld is vaak één tegen één, maar bij eerzaken speelt het collectief een rol.”
Die Nederlandse bril kleurt ook hoe het probleem gedefinieerd wordt. Eergerelateerd geweld wordt in de publieke discussie vaak gezien als een islamitisch probleem, maar Janmaat nuanceert dat. “Het is een cultureel fenomeen. We zien het bij moslims, maar bijvoorbeeld ook bij orthodoxe christenen uit het Midden-Oosten.” Voor al deze groepen geldt dezelfde mantra: de eer van de familie is het allerbelangrijkste wat er is, en die moet beschermd worden.
Integratieprobleem?
Of dit alles een integratieprobleem is? Het antwoord van Janmaat is duidelijk: “Nee. Kijk naar de Turkse en Marokkaanse gemeenschappen. Ook daar is nog sprake van eerwraak, maar vele malen minder dan toen deze gemeenschappen voor het eerst naar Nederland kwamen. Die hebben zich wel degelijk aangepast aan meer westerse normen en waarden. Uiteindelijk is het ook een kwestie van tijd.”
Maar dat betekent niet dat er stilgezeten wordt. Zo zorgt het expertisecentrum ervoor dat politieagenten een checklist krijgen om eerzaken vroeg te signaleren en wordt via het Contactorgaan Moslims en Overheid het gesprek over eergerelateerd geweld geagendeerd in moskeeën. Allemaal in de hoop de meest ernstige incidenten voor te zijn.
Tegelijk moet Janmaat erkennen dat hij geen grip heeft op wat er in de wereld gebeurt. Nieuwe vluchtelingen uit gebieden met een sterke eercultuur kunnen altijd blijven komen. “Op dit moment zien we nog steeds een stijging in het aantal eerzaken, dus we zullen als centrum nog wel even voortbestaan.”