Vissersboot met kraan en vangnet waar tonijn wordt inladen

Jaarlijks eten we 22 kilo vis. En dat is niks vergeleken met andere landen

Een derde van gevangen ‘Hollandse’ vis belandt op buitenlandse borden.

Samenvatting

  1. Jaarlijks komen er grote hoeveelheden vis de Nederlandse havens binnen. Vooral mosselen en schol zien we terug op de veiling van de visafslag.
  2. Daarnaast halen we voor ruim drie miljard euro aan vis naar Nederland via import. Dit zijn bijvoorbeeld tropische soorten, zoals tonijn of de reuzengarnaal. 
  3. Veel soorten die we vangen exporteren we naar andere Europese landen. Daarmee verdienden we in 2018 zo’n 3,8 miljard euro.
  4. Nederlanders eten jaarlijks ruim 22 kilo aan vis en zeevruchten. Dat lijkt veel, totdat je het vergelijkt met Portugal: daar eten ze maar liefst 55,9 kilo. 
Vissersboot met kraan en vangnet waar tonijn wordt inladen

In ons overkoepelende onderzoek naar illegale visvangst ging het tot nu toe voornamelijk over visvangst buiten de Nederlandse wateren. De tonijn waar we over schreven, is namelijk niet te vinden in de nabij gelegen Noordzee. Andere vissoorten weer wel. In 2018 werd er ruim een half miljard aan vis de Nederlandse havens binnen gebracht. Dat is gemiddeld een grove 33 kilo per persoon. Maar dat eten we niet allemaal zelf op. 

Een Hollandse haring in de kleine haven van het Gelderse Elburg, een lekkerbekje aan het Zwarte Water bij Zwartsluis of de vis van de dag in het restaurant in Harderwijk: vis eet je op ieder moment en op iedere plek in Nederland. Met de grote oppervlakten aan water heeft Nederland een rijk visbestand. Goed voor de natuur, economie en ook voor de voedselindustrie. Hoe groot is de Nederlandse visindustrie? En wat levert ons dat eigenlijk op? 

Trawlers en kotters

Nederlandse, maar ook Europese vissersboten, brengen dagelijks verse en diepgevroren vis de Nederlandse havens binnen. Trawlers richten zich op in diepere wateren rondzwemmende scholen vissen, zoals haring en blauwe wijting. Deze trawlers beschikken vaak over een diepvriesinstallaties en daarom noemen we dit diepgevroren vis. Verse vis komt voornamelijk van kotters. Deze boten richten zich op bodemvisserij in de Noordzee. Je kunt dan denken aan soorten als zeebaars of schol. De verse vis afkomstig van de kotters gaan richting een visafslag. Hier wordt de vis in de vroege ochtend verkocht.

Sommige vissoorten zijn niet in de buurt van de Nederlandse wateren te vangen. Neem bijvoorbeeld tonijn of tropische garnalen, deze worden ver buiten de Noordzee gevangen. Wij importeren daarom tonijn uit de Indische wateren. Dezelfde plek waar ook veel reuzengarnalen vandaan komen. Zo importeerden we in 2018 voor 690 miljoen euro aan verse of bevroren vissoorten die niet in Europa zijn gevangen. Maar ook uit de EU wordt vis geïmporteerd.

En de vis die we zelf vangen, wordt niet alleen voor eigen consumptie gebruikt. Veel vis wordt in grote getalen geëxporteerd naar het buitenland en dan met name naar Europese landen. Zo werd in 2018 voor ruim 3,8 miljard euro aan visproducten geëxporteerd wereldwijd. De verse en bevroren vis is daarvan het grootste exportproduct, maar ook de schaal- en weekdieren zijn een grote inkomstenbron.

De vis die door Nederlandse boten wordt gevangen, wordt voor een groot deel doorgevoerd naar het buitenland. Wij zijn namelijk niet de meest fanatieke viseters ter wereld. Met 22,2 kilo per persoon per jaar eten we minder vis en zeevruchten dan het Europees gemiddelde. Ter vergelijking: Portugal is de Europees koploper met maar liefst 55,9 kilo.

Bovenstaande cijfers omschrijven de totale omvang van visvangst in Nederland. Sommige soorten worden in grote getalen gevangen en sommigen juist niet. De Europese Unie bepaalt elk jaar hoeveel vis er van een bepaalde soort gevangen mag worden: de visquota. Deze visquotum moet voorkomen dat de vissoort uitsterft. Zo is er voor Nederland bijvoorbeeld een visquotum op zeeduivels in de Noorse zone of kabeljauw in het Oostelijk Kanaal.

Hoewel de regelgeving in Nederland en de Europese Unie erg streng is, kan het alsnog misgaan. Illegale visvangst wordt ook wel visstroperij genoemd. In Nederland is de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) verantwoordelijk voor de controle op deze activiteit. Samen met de politie en boa’s (buitengewoon opsporingsambtenaren) controleren zij de Hollandse wateren. Een maand geleden uitte Sportvisserij Groningen Drenthe haar bezorgdheid over de steeds ernstiger wordende stroperij in het noorden van het land. Ook eerder dit jaar betrapten inspecteurs van de NVWA een Urker visser die ervan wordt verdacht de eigenaar te zijn van illegale netten die regelmatig werden uitgezet in het IJsselmeer. 

De grote hoeveelheden water zijn ideaal voor de vissen en voor de visser, mits alles volgens de regels gaat. En daarom gaan we voor ons onderzoek illegale visvangst de focus verleggen naar Nederland. Daarbij willen we kijken naar de Nederlandse binnenwateren en de kustwateren. 

In april dit jaar deed Pointer, in samenwerking met onderzoeksteam Lighthouse Reports en studenten van de VU (International Crimes, Conflict and Criminology), onderzoek naar illegale visvangst. Zo onderzochten we onder andere Nederlandse ‘transshipments’: vis die van een klein vissersbootje naar een groot vrachtschip wordt getakeld. Ook onderzochten we tonijn die in de Nederlandse groothandels te verkrijgen is. Meerdere verhalen vind je in dit onderzoek. Heb je een tip? Mail ons!

Header: beeld van Wibowo Djatmiko (CC BY-SA 3.0), Ollio (CC BY-SA 3.0)photochem_PA from State College (CC BY 2.0)

Illustratie door Tijmen Snelderwaard.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Blijf op de hoogte