14 april 2020

Gewoon aan het werk met vitaal beroep maar geen woning kunnen vinden: “Nu slaap ik vaak in mijn auto”

Bekijk meer artikelen over: Wonen en leefomgeving Bekijk meer artikelen over: Woonproblemen

Hij verdient te veel voor sociale huur, in de vrije sector vindt hij niks betaalbaars. Al ruim een jaar lang slaapt Ryan op tijdelijke adressen: illegaal in een bedrijfspand of bij vrienden op de bank. “De woningmarkt is echt overspannen."

“Eigenlijk woon ik overal en nergens”, zegt Ryan* die na de verkoop van zijn woning al ruim een jaar geen vast adres heeft. “Ik heb een kamer gehuurd, ik woonde illegaal in een bedrijfspand. Soms logeer ik bij vrienden of kennissen, maar daar kan ik niet altijd terecht. Niet iedereen zit meer op je te wachten als je telkens weer bij ze aanklopt. Daardoor ben ik ook sommige vrienden kwijtgeraakt. Nu slaap ik vaak een nachtje in mijn auto.”

Vitaal beroep

Ryan heeft een baan in de logistieke sector, omdat zijn beroep als vitaal is bestempeld moet hij gewoon naar zijn werk in tijden van corona. Maar ondanks dat zijn beroep in deze crisistijd de maatschappij overeind houdt, heeft hij geen eigen onderdak. “Ik verdien teveel om in aanmerking te komen voor sociale huur. Maar voor particuliere huur vragen ze exorbitante bedragen die ik niet kan betalen. Of ik meld me aan maar ik kom er gewoon niet tussen. Nu in coronatijd is het nog lastiger om een kamer of huis te vinden. Je wordt praktisch niet uitgenodigd om te komen bezichtigen, particuliere verhuurders zijn heel voorzichtig. Ze nodigen maar een paar mensen uit."

Ik kan de maandhuur soms wel betalen. Maar dan vragen ze vier of vijf maanden borg vooruit.

Ryan

Wat ook meespeelt zijn de strenge eisen die verhuurders stellen, zo legt Ryan uit. “Ik kan de maandhuur soms wel betalen. Maar dan vragen ze vier of vijf maanden borg vooruit. Of een minimuminkomen van 50.000 per jaar. Kijk maar eens op Funda wat voor rare eisen je ziet.” 

Overspannen woningmarkt

Ryan: “Waar ik tegenaan loop, is dat de woningmarkt echt overspannen is. Ik ben al blij met een kamer. Maar ik kom er gewoon niet tussen. Ik ben nu ruim een jaar lang elke dag bezig om een huis te zoeken. Ik kijk op Funda en andere sites. Ik heb aangeklopt bij de gemeente. Die zegt: ‘Ga maar naar het Leger des Heils. Zolang je een baan hebt, kunnen we niks voor je doen.’ Dat vind ik bizar. Het moet eerst slecht met je gaan, pas dan kunnen ze je helpen. Wil je dat voor zijn, dan kunnen ze je niet helpen.”

Ryan peinst er niet over om in de bijstand te gaan. “Ik ga echt mijn baan niet opzeggen, zeker niet in deze tijd.”

Dan de vraag wat het met hem doet, geen dak te hebben boven zijn hoofd en slapen in de auto. Het blijft lang stil. En licht snikkend herhaalt hij de vraag: “Tja, wat doet het met je?”

De reden waarom hij zijn eerste huis kwijtraakte, was een geschil met een familielid en een slepende rechtszaak. Hij vertelt verder hoe hij op een gegeven moment in de lokale krant had gelezen dat hij uitgeschreven was bij de gemeente. “Iemand zei tegen me: ‘Ben je verhuisd?’ Maar ik ben niet verhuisd. Als je geen vast postadres hebt, word je gewoon uitgeschreven bij de gemeente.”

Ryan zegt dat hij verder gaat met zoeken, hoe lastig het ook is. Veeleisend is hij niet, zegt hij: “Aan een kamer heb ik genoeg.” Hij hoopt gauw iets te vinden.

Tijdens het schrijven van dit artikel heeft Ryan na een lange zoektocht een woning gevonden die hij wel betaalbaar is voor hem.

* De naam Ryan is gefingeerd vanwege privacy. Echte naam is bekend bij de redactie. 

Auteurs

L.A.

Leontien Aarnoudse

Onderzoeksjournalist