9 december 2020

Staatssecretaris wil met ‘fraudedefinitie’ helder signaal afgeven over wat fraude is (en wat niet)

Bekijk meer artikelen over: Werk en geld Bekijk meer artikelen over: Schulden

Na een conflict met de Sociale Dienst over zijn bijstandsuitkering gaat het bergafwaarts met Robin Prijs en zijn vrouw. Hij wordt beschuldigd van fraude en zou daarom onterecht geld hebben ontvangen van de gemeente. Het stel wordt hierdoor óók uit een bijna afgeronde schuldregeling gezet, raakt hun huis kwijt en zit nu diep in de schulden. De uitzending over het conflict van Robin leidt tot Kamervragen over de handhaving van (bijstands-)fraude.

Hoewel staatssecretaris Van ’t Wout (Sociale Zaken) niet specifiek ingaat op de zaak van Robin en zijn vrouw laat hij in een reactie op de vragen van Jasper Van Dijk (SP) wél weten dat hun situatie hem ‘betreurt.’ En dat hij hoopt dat Robin samen met de Sociale Dienst naar een oplossing gaat zoeken voor zijn situatie.

Kijk hier de uitzending terug

‘Onbedoelde’ fraude

Er is al enige tijd discussie over de strenge maatregelen die soms worden opgelegd aan mensen die een uitkering krijgen en de zogenoemde inlichtingenplicht schenden. Wanneer je bijvoorbeeld vergeet door te geven dat je vrijwilligerswerk doet of een harde schijf hebt verkocht via Marktplaats kan dat ervoor zorgen dat je een ‘fraudestempel’ krijgt. Met als gevolg dat je je hele bijstandsuitkering moet terugbetalen, opgehoogd met een boete.

Mantelzorg

Verschillende advocaten, maar ook schuldhulpverleners zien dat deze ‘onbedoelde’ fraude mensen in grote problemen kan brengen. Marco Florijn van de NVVK, de branchevereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren, vertelt bijvoorbeeld in de uitzending het opmerkelijke verhaal van een vrouw die maandelijks naar haar moeder gaat om mantelzorg te verlenen.

“Haar moeder stort op een gegeven moment de reiskosten op haar rekening en dat komt aan het licht bij een onderzoek door de gemeente. Die zien dat als niet opgegeven inkomsten en ze wordt bestempeld als fraudeur.” Als gevolg daarvan moet de vrouw ook stoppen met haar schuldregelingstraject. Florijn: “En dat is natuurlijk niet hoe we dat in Nederland met elkaar moeten doen. Dit is ‘onbedoelde’ fraude, gewoon een foutje en daar moet je wat mij betreft gewoon over praten en het dan herstellen. En daarna ga je gewoon weer met frisse moed en een complimentje voor die mantelzorger verder.”

Onderzoek naar definitie fraude

Volgens Van ‘t Wout benadrukt de uitzending van De Monitor dat het belangrijk is om op de wijze van handhaving van fraude ‘te blijven reflecteren’ en moet de menselijke maat bij die handhaving niet uit het oog verloren worden. Hij is bovendien van mening dat ‘het stelsel van handhaving ruimte kent voor verbetering,’ zo lezen we in de antwoorden op de Kamervragen.

Eerder liet de staatssecretaris in een Kamerdebat al weten in gesprek te willen over de definitie van het begrip fraude. In een recente kamerbrief valt te lezen dat hij wil onderzoeken of er een definitie van fraude geïntroduceerd kan worden die wordt verankerd in de wet. ‘Het doel van zo’n definitie is expliciet te erkennen dat er verschil bestaat tussen vergissingen of fouten en bewuste regelovertreding’, aldus de staatssecretaris. De definitie moet een helder signaal geven van wat wordt gezien als fraude, en wat niet.

Lees ook de eerdere reactie van Van ’t Wout op de resultaten van onze rondgang langs schuldhulpverleners:

Cijfers bezwaarprocedures

Hoe vaak het momenteel ‘mis’ gaat met mensen die onbedoeld de inlichtingenplicht schenden en daardoor in de problemen komen is onduidelijk. Cijfers over hoe vaak – na bezwaar of beroep – zo’n overtreding wordt teruggedraaid heeft het ministerie niet, zo lezen we in de reactie op de vragen van Van Dijk. Van ’t Wout laat momenteel wel onderzoeken of er cijfers zijn van het aantal bezwaarprocedures en hoopt daar voor de zomer meer over te weten.

Verdwenen mails

In de zaak van Robin speelt nog iets anders opvallends. Hij heeft een aantal e-mails naar de Sociale Dienst gestuurd die volgens hem kunnen aantonen dat hij hen wel degelijk op de hoogte heeft gesteld van zijn vrijwillige werkzaamheden voor een christelijke stichting. Maar die e-mails worden in de archieven – na herhaaldelijke verzoeken van Robin én De Monitor - niet teruggevonden. “Bovendien werd er in de rechtszaal gesuggereerd dat ik ze vervalst zou hebben”, voegt Prijs toe.

Uit de uitzending over zijn zaak blijkt echter dat de Robin de mails wel degelijk heeft verstuurd én dat ze zijn ontvangen door de Sociale Dienst. Bovendien hadden de emails volgens hoogleraar archiefwetgeving Charles Jeurgens nog wél bij de Sociale Dienst aanwezig moeten zijn. En deze gemeente is niet de enige die niet al te zorgvuldig omgaat met het bewaren van de communicatie met haar burgers, zo stelt de hoogleraar in ons onderzoek vast.

Reden voor SP-kamerlid van Dijk om de staatssecretaris hierover ook om opheldering te vragen. Het Rijk heeft echter geen zicht op welke gemeenten zich wel of niet aan de Archiefwet houden, aldus Van ’t Wout. Volgens hem is het de taak van de provincies om toe te zien op de naleving daarvan.

Teleurstellend

En Robin? Die vindt het antwoord van de staatssecretaris nogal teleurstellend, laat hij ons weten. Met name over de verdwenen e-mails. “Ze geven nauwelijks antwoord op de gestelde vragen. Er is een signaal afgegeven dat de wettelijke bewaarplicht niet wordt nageleefd en dat er nauwelijks kennis is over de invulling daarvan, maar dat wordt in de beantwoording volledig genegeerd.’

Tot een gesprek tussen Robin en de Sociale Dienst is het (nog) niet gekomen. Hij en zijn vrouw wachten ondertussen op de rechtszaak bij de Centrale Raad van Beroep. Robin gaat ervan uit dat - nu hij kan aantonen dat de mails echt zijn – ze meer kans maken bij de rechter om hun zaak te winnen. Een vaste woon-of verblijfplaats hebben ze nog steeds niet.

Auteurs

Y.V.

Yvonne Verkaik

Redacteur