30 oktober 2021

Waarom we volgens deze hoogleraar energietransitie ‘de sukkel van Europa’ zijn 

Nog veel te weinig bedrijfsdaken zijn voorzien van zonnepanelen, aldus transitiehoogleraar Jan Rotmans. Verplicht verduurzamen van die daken vindt hij daarom een goed idee. 

Psychische blokkades, weinig creativiteit en gebrek aan leiderschap zorgen ervoor dat er door bedrijfseigenaren niet wordt geïnvesteerd in zonnepanelen, zegt de Rotterdamse hoogleraar aan de Erasmus Universiteit. “Het stokt omdat er weinig bewustzijn is dat je met je bedrijfsdak kan bijdragen aan de oplossing van een groot energievraagstuk.” Hij rekent voor dat wanneer er op alle geschikte bedrijfspanden zonnepanelen zouden liggen dat zou voorzien in de helft van onze elektriciteitsbehoefte.

Het kabinet ziet ook graag dat bedrijfsdaken vaker worden benut en wil daarom gemeenten de bevoegdheid geven om oa. industriële bedrijven te verplichten tot het verduurzamen van hun dak. “Er zit zo weinig beweging in bij bedrijven dat ik dat een hele goede ontwikkeling vind”, zegt Rotmans.

Obstakels bij verduurzamen dak

In het onderzoek Klimaatconflict in de Polder - waarin we kijken naar de voortgang van de energietransitie – spreken we echter ook ondernemers die hun daken wel wíllen verduurzamen maar vastlopen in hun plannen. Zo krijgen ze te maken met een (te) dure brandverzekering, ongeschikte daken, te hoge investeringen of kunnen ze niet aangesloten worden omdat het stroomnetwerk vol is.

Rotmans: “Natuurlijk zijn er bedrijven die tegen drie of vier muren aanlopen en die moet je ook acuut helpen met het wegnemen van die belemmeringen, maar in het overgrote deel kan het. Ik durf de stelling wel aan dat het in 80 tot 90 procent van de gevallen gewoon kan. En snel ook.” De hoogleraar vindt dat er nog te vaak door bedrijven naar excuses wordt gezocht of dat ondernemers zich te snel neerleggen bij de belemmeringen, zoals een slechtere dakconstructie. “Ik ken bijvoorbeeld al twee bedrijven die zonnepanelen maken die de helft lichter zijn omdat ze van kunststof worden gemaakt en niet van glas, die kunnen ook op slechte bedrijfsdaken worden geplaatst.”

Tegen de stroom in

Hij zou de ondernemers met bezwaren graag de creatieve oplossingen van hun collega’s laten zien. “Ik bied ook wel eens aan om op een soort tournee langs bedrijven te gaan die het wél slim en creatief aanpakken. Elkaar inspireren, dat doen we veel te weinig in Nederland. Deze transitie heeft allemaal te maken met wilskracht, met leiderschap en de moed om tegen de stroom in te durven gaan.”

Tegen de stroom in ging de hoogleraar 10 jaar geleden zelf ook toen hij als eerste in de buurt zonnepanelen op zijn woning legde. Ook dat ging niet zonder slag of stoot. “Ik kreeg onmiddellijk protest van een overbuurman die helemaal aan het einde van de straat woont. Die vond het – omdat dit een beschermd stadsgezicht is – lelijk en vervuilend.” De buurman startte een procedure tegen de panelen op het dak van Rotmans, maar moest uiteindelijk bakzeil halen. “Hij werkte bij een advocatenbureau en ik kreeg een dik pak papier in de bus met het verzoek om ze weg te halen. Een half jaar later heeft hij het nog eens geprobeerd, maar hij kreeg uiteindelijk nul op het rekest en ik mocht ze laten liggen.”

Minder dan 12 procent dak benut

Dat het nog geen storm loopt met zonnepanelen op bedrijfsdaken becijferde ook adviesbureau Over Morgen. 12 procent van de bedrijfsdaken zouden inmiddels worden benut voor duurzame energie-opwek zo melden zij. En het zijn niet alleen die daken die beter benut zouden moeten worden, vindt Rotmans. “We hebben in Nederland 2,5 miljard vierkante meter hard oppervlak, denk bijvoorbeeld ook aan gevels en stroken langs snelwegen en spoorlijnen. Dat gebruiken we allemaal niet.”

Hoewel dit soort oppervlak dus veelal leeg blijft zijn er overal in het land wél initiatieven voor zonneweides met gigantisch veel zonnepanelen. Een prima oplossing om snel meters te maken om de klimaatdoelen te halen zou je zeggen. Toch ergert de Rotterdamse hoogleraar zich daar juist ‘suf’ aan. “Landbouwgrond wordt nu volgeplempt met zonnepanelen en dat is slecht voor de natuur, voor het milieu en in de meeste gevallen zit ook bijna niemand erop te wachten.”

Dit probleem is volgens hem ontstaan omdat we in Nederland veel te laat zijn begonnen met het inzetten op zonne-energie. “We zijn de sukkel van Europa geworden, we staan niet voor niets twee na laatste. Zelfs België was ons 10 jaar voor. En ja, dan moet je ineens tempo maken om de klimaatdoelen toch nog te halen en dan ga je op zoek naar grote oppervlaktes. En wat hebben we veel? Landbouwgrond dus.”

Buitenlandse investeerders

Het volleggen van landbouwgrond is bovendien slecht voor het draagvlak van de transitie, ziet hij, want het zijn vooral de buitenlandse investeerders die wijzer(en rijker) worden van die zonneweides. “Die komen dan uit China, Engeland, uit de Verenigde Staten en hebben nog nooit gehoord van zo’n plaatsje waar die zonneweide komt. Ze zien zo’n gebied slechts als een ‘geldkoe’.” Daarnaast maken ze gebruik van de aantrekkelijke Nederlandse subsidies en interesseren ze zich helemaal niet voor wat er in zo’n plaats gebeurt, zo vertelt Rotmans. “Ik ben ook in sommige van die gebieden geweest en schrik dan wel van wat zich daar afspeelt. Plaatsen met tienduizend inwoners krijgen dan een zonneveld van 100 - 200 hectare (200 tot 400 voetbalvelden, red.), terwijl er helemaal niets op de daken ligt.”

De hoogleraar doet daarom ook een appel op al die ondernemers: “Gooi dat dak vol!”

Oproep

Ons onderzoek naar de energietransitie gaat door. Heb jij een tip of loop jij ergens tegenaan bij het verduurzamen van je bedrijf of woning? We horen graag je ervaring! 

Deel hier je verhaal over de energietransitie