23 maart 2018

‘Wilsbekwaamheid is geen bloeddruk, je kunt het niet opmeten’

Het beoordelen van wilsbekwaamheid van verstandelijk beperkten door notarissen kan zorgvuldiger. Dat zegt Kees Blankman, universitair docent aan de Vrije Universiteit en deskundige op het gebied van bescherming van wilsonbekwame mensen. Een aanvulling op het door notarissen gebruikte protocol zou volgens hem een goede zaak zijn.

‘Notarissen zijn goed in wat ze geleerd hebben in hun opleiding en dat zijn natuurlijk juridische vaardigheden,’ aldus Blankman, die we spreken voor ons onderzoek Wilsonbekwaam. Maar of iemand met een verstandelijke beperking snapt waar het om gaat? Of die ook precies overziet dat het geld naar bijvoorbeeld de zeehondjes gaat en dan dus niet naar de familie? Dat is volgens Blankman voor een notaris soms lastig in te schatten.

‘Het is geen bloeddruk, je kunt het niet opmeten. Het is iets wat wij mensen toedichten.’

Twijfel

Hij vervolgt: ‘Je hebt natuurlijk de aperte gevallen waarin iemand heel erg gehandicapt is. Of juist bijna niet. Maar er tussenin zitten veel twijfelgevallen. En dat blijkt ook wel uit klachtzaken en procedures bij de rechtbank. Dat het soms ook echt niet goed gaat en notarissen zich fors vergissen.’

Hij noemt twee redenen die ervoor kunnen zorgen dat een notaris zich vergist. De eerste is een positieve, zo stelt hij vast. ‘De notaris probeert er dan alles aan te doen om de wil of wens van deze persoon te honoreren. Maar soms kan iemand het niet heel duidelijk vertellen. En dan denkt de notaris: Dit is wat hij wil, laat ik het maar doen. De andere reden is dat een notaris denkt: Ik ga er niet veel tijd in stoppen, ik moet ook geld verdienen en omzet maken.’

Aanvulling op protocol

Eerder schreven we al over het protocol dat notarissen kunnen volgen als ze twijfelen of iemand wel begrijpt waar hij voor tekent. Alarmbellen zouden bijvoorbeeld moeten afgaan als iemand een verstandelijke beperking heeft, in een instelling woont en onder bewind staat. Bij twijfel kan dan een arts ingeschakeld worden om te helpen bij het beoordelen van de wilsbekwaamheid.

De invoering van dit protocol is volgens Blankman een stap in de goede richting geweest. ‘Het is niet slecht, maar het kan beter. Er is een aanvulling geweest specifiek gericht op ouderen en financiële uitbuiting. Maar die aanwijzingen, die zijn er nog niet voor mensen met een verstandelijke beperking,’ zo vertelt hij. Het zou volgens hem dan ook goed zijn als er in overleg met mensen uit de zorg en orthopedagogen een soort handleiding komt die notarissen handvatten geeft specifiek voor deze groep.

Vergroten wilsbekwaamheid

Niet alleen om verstandelijk beperkten te beschermen tegen financieel misbruik, maar juist ook om hun wilsbekwaamheid te vergroten. Blankman: ‘Er zijn mij namelijk ook situaties bekend waarbij de notaris te gemakkelijk iemand wilsonbekwaam acht. Dan wordt de notaris bang en zegt: Ik kan niet meewerken.'

Sommige mensen met een verstandelijke beperking kunnen zich niet altijd goed uitdrukken, legt Blankman uit, maar hebben wel een diepe wens om hun geld bijvoorbeeld na te laten aan de zeehondjes. 'Een notaris zou in zo’n geval gespecialiseerd moeten zijn of iemand erbij moeten halen die dat gesprek voert. En die probeert die persoon wilsbekwaam te krijgen. Je moet echt kijken naar de situatie zelf. Het zou het beste zijn als maximaal geprobeerd wordt om te achterhalen wat die persoon met een verstandelijke beperking nu echt wil. Want dat wordt nog niet voldoende gedaan.’

Je kan je hier abonneren op onze nieuwsbrief over het onderzoek Wilsonbekwaamheid. Ik stuur je dan elke twee weken een update van ons onderzoek.

Auteurs

Y.V.

Yvonne Verkaik

Redacteur