29 mei 2020

Demonenuitdrijving als GGZ-therapie: ‘Uitdrijving moest mij genezen‘

‘Ik ben ervan overtuigd dat je als kind al te maken hebt met goede en kwade krachten’, schrijft een begeleider van jongeren ons. ‘Er zijn kwade krachten die ons verstand te boven kunnen gaan’. Hij is één van de ruim tweehonderd mensen die ons getipt hebben naar aanleiding van de uitzending over duiveluitdrijving op kinderen.

Autisme, homoseksuele geaardheid maar ook psychische problematiek worden door religieuze leiders aangegrepen om jongeren (en kinderen) te ‘bevrijden’ van demonische invloeden. En opvallend: er zijn dus ook professionele zorgverleners die demonische bevrijding zien als een goedwerkende therapie. Zoals de jongerenbegeleider. Maar ook een christelijke GGZ-medewerker schrijft ons: ‘Ik werk zelf als psycholoog en weet van de grens tussen psychiatrie en ‘demonie’, dat wordt in een diagnostisch traject heel zorgvuldig afgewogen.’

Psychische klachten niet doorverwezen

Maar kan je geestelijke zorg voor jongeren en ook volwassenen, met ernstige problematiek, wel overlaten aan een geloof? En moet je als zorgprofessional niet ver van je eigen geloofsovertuiging blijven bij de hulp aan cliënten? ‘Persoonlijk ben ik ervan overtuigd dat psychiatrische problematiek niet wordt onderkend binnen veel religieuze gemeenten’, laat een man ons weten die zelf actief is binnen een charismatische pinkstergemeente. ’Ik zag gevallen waarbij psychische klachten of stoornissen niet doorverwezen werd maar dat men gebedssessies op deze mensen los liet.’

‘Uitdrijving moest mij genezen‘

Eén van de jongeren die demonische bevrijding als therapie kreeg, schrijft ons dat het hem beschadigd heeft. ‘Op mijn twaalfde heb ik een duiveluitdrijving ondergaan. Mijn demonen zaten in mijn maag/buikstreek. Ik moest op mijn rug liggen. Er was iemand die de Bijbelteksten doorkreeg en ze schreeuwde, tot zelfs met stompen en slaan.’ Een andere tipgever kwam in de puberteit psychisch in de knoop maar ook hier ging de kerkelijk geestelijk verzorger zelf aan de slag. ‘Meerdere keren is er met handoplegging en uitdrijving geprobeerd genezing te bewerkstelligen.’

Auteurs

M.G.

Miranda Grit

Verslaggever