27 mei 2021

Huisarts moet eindeloos leuren met patiënten met ernstige psychische problemen

Bekijk meer artikelen over: Gezondheid en zorg Bekijk meer artikelen over: Hokjesdenken in de psychiatrie

Henk Kole is vaak uren bezig om een ggz-instelling te vinden voor patiënten met zware psychische problemen die tussen wal en schip vallen. Juist zijn patiënten met meerdere problemen hebben dringend hulp nodig, maar worden keer op keer afgewezen omdat zij ‘te complex’ zijn.

Als huisarts moet Kole soms machteloos toezien hoe ggz-instellingen ernstig zieke patiënten weigeren. “Je ziet dat mensen echt eronder lijden dat je ze niet kunt helpen.” We spreken hem voor ons onderzoek Hokjesdenken in de psychiatrie.

Patiënten met complexe psychiatrische aandoeningen hebben vaak meerdere problemen tegelijkertijd, zoals een eetstoornis of een verslaving, een zware depressie, persoonlijkheidsstoornissen of een trauma. Genoeg reden om snel professionele hulp te krijgen, maar deze patiënten kunnen vaak nergens terecht. Kole: “De ene instelling zegt: ‘Hij is depressief, maar ook verstandelijk beperkt. Dat kunnen wij niet aan’. De ander zegt: ‘Depressief kunnen we wel aan, maar die persoonlijkheidsstoornis niet’.”

Gezondheidspsycholoog Nancy Meesters loopt tegen soortgelijke problemen aan. “Als er problemen zijn op meerdere fronten, dan is het lastig om mensen op de goeie plek te krijgen. Getraumatiseerde mensen grijpen nog wel eens naar middelen ter verdoving en als ze dan bij de ggz aankloppen, zeggen ze: ‘U hebt een verslavingsprobleem’. En als ze daar (bij de verslavingskliniek, red.) komen zeggen ze: ‘U heeft een psychisch probleem’.”

Meesters maakte dit onlangs nog mee met een patiënt die afgewezen werd bij een ggz-instelling. “Hartverscheurend”, zo beschrijft zij het leed van de vrouw. Zij ziet meer mensen in haar praktijk die door ggz-instellingen worden geweigerd. “Mensen met meerdere diagnoses worden als een hete aardappel doorgeschoven. Een aantal jaren geleden had ik zelfs een patiënt in behandeling die ervoor heeft gekozen om zich te euthanaseren, omdat ze nergens een plek kon vinden voor al haar klachten. Dat is toch verschrikkelijk?”

Ggz-instellingen nemen het liefst patiënten aan met maar één diagnose. Soms, geeft huisarts Kole toe, moet hij ‘dingen iets anders voorspiegelen’ om patiënten aangemeld te krijgen voor een behandeling. “Die andere diagnose probeer je dan wat te verminderen. Dan lukt het soms wel.” Een normale gang van zaken is dat natuurlijk niet. Kole maakt de vergelijking met patiënten met lichamelijke klachten. Een gebroken been in combinatie met een longaandoening zou volgens hem nooit leiden tot een afwijzing. “Dat zou iedereen bizar vinden, maar in de ggz is dat dus eigenlijk normaal.” En volgens de regels kan dit ook allemaal, want de ggz kent geen acceptatieplicht.

Uit armoede begeleidt hij soms, zo goed en zo kwaad als hij kan, zelf zijn patiënten met psychische problemen. Zoals een patiënt met een bipolaire stoornis die door een derdelijns-instelling voor hoogspecialistische psychiatrische zorg werd afgewezen. Kole: “Zij gaven aan: deze persoon heeft ook een persoonlijkheidsstoornis, dus we gaan dat niet doen. En toen werd ik plotseling de verantwoordelijke.

“Onverantwoord”, vindt Kole dit soort situaties. “Het zijn mensen die ernstig ziek zijn en die worden gewoon aan hun lot overgelaten.” Als huisarts heeft hij minder kennis van medicatie en hij kan niet de psychiatrische behandeling geven die de patiënt nodig heeft. “Je praat natuurlijk wel met de mensen. Je kijkt hoe het gaat, je geeft adviezen. Maar ja, ik ben natuurlijk geen psychiater, dus dat gaat natuurlijk minder goed dan wanneer een psychiater dat doet.”

Sinds Kole 21 jaar geleden als huisarts in Almere begon, heeft hij de ggz flink zien veranderen. Gespecialiseerde ggz-instellingen die zich op een beperkt behandelaanbod richten, bestonden toen nog niet. “Toen ik hier begon, was er gewoon één ggz-instelling en daar kon je naartoe voor hele lichte depressies tot en met zeer ernstige psychiatrische aandoeningen. Die is toen opgesplitst en er zijn een heleboel kleine aanbieders bijgekomen.”

Volgens Kole functioneren al die ggz-instellingen als eilandjes. “Er is weinig samenwerking tussen die instellingen.” En er speelt nog een ander probleem: de financiering. De kleinere gespecialiseerde ggz-instellingen zijn vooral uit op patiënten met eenvoudige klachten. Complexe patiënten hebben veel meer behandeling nodig en zijn niet rendabel voor een ggz-instelling. “Dan krijg je dat ggz-instellingen mensen met eenvoudige aandoeningen graag willen hebben, terwijl mensen met complexe aandoeningen worden afgeweerd.”

De uitzending ‘Hokjesdenken in de psychiatrie’ is maandag 7 juni te zien op NPO2 om 22.15 uur.

Wil je op de hoogte blijven van dit onderzoek?

Elke week sturen we je onderzoeksverhalen, tips van de redactie, en verhalen die je nog van ons kan verwachten.

Auteurs

M.S.

Marjolein Schut

Redacteur