18 mei 2021

Nina wordt keer op keer afgewezen voor ggz-behandeling: ‘Ik zie het niet meer zitten’

Bekijk meer artikelen over: Gezondheid en zorg Bekijk meer artikelen over: Hokjesdenken in de psychiatrie

Als je meerdere diagnoses hebt is het zo moeilijk om een geschikte therapie te vinden dat je het vaak maar zonder moet doen. 

Al meer dan 10 jaar heeft Nina Brouwer (24) zware psychische problemen. Maar een goede behandeling blijft uit. Veel ggz-instellingen bestempelen haar als te complex. “Je kunt alleen een behandeling krijgen als je voldoet aan alle toelatingseisen. Je moet eigenlijk precies in die kaders passen, anders gaan ze er niet aan beginnen. Ik vind dat echt belachelijk.” 

“Ik heb er vier op papier staan. Een depressieve stemmingsstoornis, anorexia, een conversiestoornis en een ongespecificeerde persoonlijkheidsstoornis.” Het is een behoorlijke opsomming maar zelf hecht Nina niet veel waarde aan haar vier diagnoses, of ‘stickers’ zoals ze ze zelf noemt. Toch staat deze hoeveelheid aan labels haar inmiddels behoorlijk in de weg.  

Door de meerdere diagnoses is het voor haar bijna onmogelijk om een geschikte behandeling te vinden. Bij een therapie voor haar persoonlijkheidsstoornis wordt ze naar huis gestuurd, want eerst zou ze moeten werken aan haar conversieaanvallen (psychische aandoening waardoor Nina soms haar bewustzijn verliest, red.). Maar voor een therapie voor conversieaanvallen wordt ze afgewezen, want haar problemen zijn zo complex dat ze er een andere therapie naast moet volgen. Alleen is Nina bij deze therapie óók niet welkom: de behandelaren vinden haar te ‘crisisgevoelig’. Inmiddels zit ze in een uitzichtloze situatie en haar psychische gesteldheid gaat steeds verder achteruit. Want wie kan haar wél de zorg bieden die ze nodig heeft?  

Perfectionistisch 

De problemen beginnen bij Nina als ze 12 jaar oud is. “Ik ging naar de middelbare school en kreeg een lager schooladvies dan al mijn vriendinnen. Ik voelde me dom en wilde bewijzen dat ik naar een hoger niveau kon. Ik leerde hard en was ontzettend streng voor mezelf. Ondertussen hockeyde ik op een redelijk hoog niveau. We hadden een strenge trainer die veel invloed op me had. Ik ben minder gaan eten, want ik dacht dat ik beter zou worden als ik zou afvallen. Het is bij mij nooit goed genoeg. Als ik een negen heb, vraag ik me af waarom het geen tien is. Dat is heel extreem.”  

In haar tienerjaren ontwikkelt Nina een eetstoornis en op haar 18e belandt ze daarvoor in een kliniek. Daar komen haar diagnoses aan het licht. Achter haar anorexia en een depressie blijkt een persoonlijkheidsstoornis te zitten. Later ontwikkelt ze daar ook nog haar conversiestoornis bij. Als ze in paniek is raakt ze haar bewustzijn kwijt en lijkt het alsof ze flauwvalt.  

Door deze aanvallen wordt haar therapie voor haar persoonlijkheidsstoornis in januari dit jaar stopgezet. Sindsdien is het voor haar onmogelijk om wel geschikte zorg te vinden. En de afwijzingen zijn ontzettend zwaar voor Nina. “Mijn crisisgevoeligheid neemt alleen maar toe. Ik ben momenteel erg suïcidaal en zie het niet meer zitten.”  

Hokjesdenken 

Veel ggz-instellingen zijn gespecialiseerd in behandelingen voor een paar aandoeningen, en accepteren geen patiënten die ook andere diagnoses hebben. Maar volgens Nina is de specialisatie in de ggz volkomen doorgeslagen. Als je meerdere diagnoses hebt is het zo moeilijk om een geschikte therapie te vinden dat je het vaak maar zonder moet doen.  

Nina is niet de enige die dit vindt. Ook veel experts en professionals die we spreken maken zich zorgen. Zo waarschuwt klinisch psycholoog Jan Derksen al jaren te waarschuwen voor de gevolgen van het hokjesdenken: “Die smalle zorgpaden zijn een bizarre uitvinding. Mensen met complexe problematiek hebben vaak last van zowel sombere klachten als angst en vaak hebben ze ook nog kwetsbaarheden in de persoonlijkheid. Dan is het dus volstrekt onlogisch om hele specialistische ggz-instellingen op te richten, waarbij je dus mensen kan afwijzen omdat ze een probleem hebben waarover geen kennis in huis is. Zo worden mensen van afdeling naar afdeling verwezen zonder adequate hulp.” 

En het gaat om patiënten die de hulp vaak het hardst nodig hebben. Voor Nina is het lastig hoop te houden dat ze ooit een geschikte behandeling gaat krijgen. “Bij mijn laatste afwijzing werd het echt zwart voor mijn ogen. Weer een afwijzing, en hoeveel moeten er nog volgen? De situatie is gewoon uitzichtloos.”  

Wil je op de hoogte blijven van dit onderzoek?

Elke week sturen we je onderzoeksverhalen, tips van de redactie, en verhalen die je nog van ons kan verwachten.

Auteurs

A.T.

Anne Mae van Tilburg

Redacteur