In Nederland groeit het aantal jongeren met overgewicht snel. De 14-jarige Ismail uit Utrecht Overvecht weet daar alles van. Hij beweegt weinig, worstelt met zijn zelfbeeld en krijgt te maken met pesterijen. Maar met professionele hulp boekt hij langzaam vooruitgang: “Zwemmen maakt mijn hoofd leeg.”
De schooldagen van Ismail bestaan grotendeels uit stilzitten. “Vooral op dinsdag en donderdag zitten we eigenlijk de hele dag op onze stoel.”
Hoewel hij twee keer per week gym heeft, blijft het daar meestal bij. Buiten school om sport hij niet. Zijn moeder, Ayse, ziet het met lede ogen aan. “Hij beweegt weinig. Het is maar een paar minuten lopen naar school, maar toch pakt hij vaak de fatbike.”
Ayse snapt dat ze daar ook aan mee merkt door een fatbike voor haar zoon te kopen. “Maar weet je, ze hebben allemaal op school zo’n fiets. Als hij die niet heeft, hoort hij er niet bij en wordt hij daar weer mee gepest. Je kunt het als ouder ook bijna niet goed doen.”
Weinig actief
Ismail nuanceert dat beeld van te weinig bewegen. “Ik pak ook wel eens de gewone fiets. En de laatste tijd loop ik vaker met mijn vriendin Safa naar school. Dat vind ik leuk, dan praten we over van alles.”
Toch geeft hij toe dat zijn leefstijl weinig actief is. “Als ik thuiskom, ga ik meteen op bed liggen. Dan zit ik uren op mijn telefoon, bijvoorbeeld op Snapchat of ik ben aan het videobellen met Safa.”
Schaamte en pesterijen
Bewegen in het openbaar vindt Ismail ook lastig. Hij voelt zich snel beoordeeld. “Als ik ga sporten, heb ik het gevoel dat iedereen naar me kijkt. Dan word ik nerveus en durf ik niets meer te doen. Ik heb het idee dat ik niet goed genoeg ben.”
En dat gevoel komt niet uit het niets. Op school wordt hij gepest. “Als ik langsloop, zeggen ze dingen als: ‘Kijk, een aardbeving’. Ik eet ook nooit in het openbaar, omdat ik bang ben voor wat ze dan tegen me gaan zeggen.”
De impact van alle pesterijen en vooroordelen is groot. “Het raakt me echt. Ik voel me gekwetst. Als ik iets terugzeg, krijg ik de schuld. Dan klagen de pesters bij de meester dat ik een grote mond heb. Dus ik hou het maar voor mezelf.”
Emotie-eten
Volgens zijn moeder speelt ook emotie-eten een rol. “Hij denkt: als ik eet, verdwijnen mijn emoties. Hij doet het vaak stiekem.”
Ayse herkent dat gedrag van haar zoon maar al te goed. “Ik heb zelf ook overgewicht gehad. Ooit woog ik 156 kilo. Ik weet dus precies hoe hij zich voelt.”
Zijn moeder maakt zich grote zorgen over de toekomst van Ismail. “Ik hou heel veel van mijn zoon en vind hem prachtig. Maar het moet anders, voor zijn mentale en lichamelijke gezondheid.”
Professionele hulp in de wijk
Ismail krijgt daarom inmiddels hulp van kinderfysiotherapeut Lorraine Peek, die al jaren werkt in Utrecht Overvecht. In die regio ziet ze de problematiek toenemen. “Toen ik hier 10 jaar geleden begon, had ongeveer 15 procent van de kinderen overgewicht. Nu is dat zo’n 40 procent.”
Volgens haar spelen meerdere factoren een rol. “Het vele schermgebruik onder jongeren is echt een groot probleem, dat is enorm toegenomen. Ze komen bijna nergens anders meer aan toe. En al die elektrische fietsen helpen ook niet echt mee. Verder zie ik ook dat ouders hun kinderen met de auto naar school brengen, zelfs als ze vlakbij wonen.”
“Wat me ook opvalt is dat de verleiding om fastfood te eten is toegenomen”, vervolgt ze. "Rondom scholen zie ik steeds meer snackbars waar de kinderen in de pauze naartoe gaan.
Kleine stappen vooruit
Ismail is nu 3 maanden onder behandeling en komt twee keer per week bij Peek. “In het begin vond ik het moeilijk om te gaan, maar nu vind ik het juist fijn”, zegt hij.
De trainingen bestaan uit cardio, buikspieroefeningen en een korte intensieve work-out. En die werpen mentaal hun vruchten af. “Ik voel dat het me goed doet. Ik krijg meer zelfvertrouwen en verstop me minder.”
Ook fysiek merkt Ismail een verschil. “Ik ben al wat afgevallen, heb minder pijn en voel me lichter. Ik heb meer controle over mezelf.” Een concreet streefgewicht heeft Ismail niet. Zijn doel is anders. “Ik wil gewoon fit en gezond zijn. En ik hoop ooit aan wedstrijdzwemmen te doen. Ik hou heel erg van zwemmen. Dan is mijn hoofd leeg.”
Voor zijn therapeut is dat precies waar het om draait: “Dat hij weer durft te bewegen en misschien zelfs naar een sportclub gaat. Dat is de stip op de horizon.”
Meer weten over bewegingsarmoede onder jonge kinderen? Kijk hieronder de uitzending van Pointer of via NPO Start.