Mantelzorgers dreigen overbelast uit te vallen als zij werk en zorg niet beter kunnen combineren. Dat stelt de Sociaal-Economische Raad (SER) in een nieuw advies. De SER pleit onder meer voor betaald mantelzorgverlof van 8 weken voor werknemers, gefinancierd door de overheid.
“Er valt nog een wereld te winnen qua flexibiliteit”, licht Ruben Houweling, hoogleraar arbeidsrecht en kroonlid van de SER het advies toe. Nederland kent op dit moment ongeveer 2 miljoen mantelzorgers die betaald werk combineren met zorg voor een naaste. De SER waarschuwt dat de druk op mantelzorgers die deze taken combineren de laatste jaren is toegenomen. Volgens CBS-cijfers hebben werkende mantelzorgers vaker gezondheidsklachten dan hun collega’s die geen mantelzorg verrichten.
Betaald verlof
Betaald mantelzorgverlof van maximaal 8 weken voor alle werkende mantelzorgers zou die druk moeten verlichten, vertelt Houweling. Hoewel er verlofregelingen bestaan, zijn deze in de praktijk beperkt. Werknemers worden bij zorgverlof momenteel maximaal 2 weken voor 70 procent van hun salaris doorbetaald door de werkgever. “Langer onbetaald verlof kan wel, maar is voor mensen financieel simpelweg geen optie”, zegt Houweling.
De SER wil daarom mantelzorgverlof langer laten doorbetalen, voor 70 procent van het salaris en door de overheid. Een werkgever kan daar eventueel nog wat bovenop doen, zegt Houweling. Ook zou de 8 weken verlof verspreid over een langere periode opgenomen kunnen worden, adviseert de SER.
Wat betaald mantelzorgverlof moet kosten, heeft de SER niet uitgerekend. "Maar de uitval van mantelzorgers zonder een goede verlofregeling kan de maatschappij ook veel geld kosten als zij stoppen met hun baan", zegt Houweling.
Kiezen tussen werk en zorg
Volgens de SER wordt de ondersteuning van mantelzorgers de komende jaren nog veel belangrijker. Door de vergrijzing is er meer mantelzorg nodig en zijn er steeds minder (jongere) mensen die het kunnen verlenen. Daar komt bij dat de overheid steeds vaker verwacht dat burgers zorg aan naasten leveren. En tegelijkertijd verwacht de overheid dat mensen meer en langer blijven werken. “In een vergrijzende samenleving zet deze dubbele eis de combinatie van werk en zorg ernstig onder druk”, waarschuwt Houweling.
Uit eerder onderzoek van Pointer bleek al dat mantelzorgende ouders van een kind met een levenslange beperking vaak moeten kiezen tussen werk en zorg. Dat concludeert de SER ook in haar onderzoek: het is voor deze groep mantelzorgers nog moeilijker om de combinatie vol te houden, omdat de zorg van ouders voor hun kind vaak lang en intensief is. De SER adviseert om verder onderzoek te doen hoe deze groep beter kan worden ondersteund.
Wie zorgt er voor de zorgouder?
Ook stipt de SER aan dat vrouwen vaker mantelzorgen dan mannen en dat ook veel vaker combineren met werk. Zo zijn er twee keer zoveel werkende vrouwelijke mantelzorgers als mannelijke mantelzorgers (21 procent om 10 procent). Daarom moet mantelzorg beter verdeeld worden tussen mannen en vrouwen, vindt de SER.
Personeelstekort
Daar komt nog eens bij dat mantelzorgers ook vaak in de zorgsector werken, weet Houweling. En in de zorg is er een personeelstekort. Overbelasting door mantelzorg draagt er onder meer aan bij dat er per jaar 150.000 mensen stoppen met werken in de zorg. “Mensen zouden niet moeten kiezen tussen werk en zorg”, zegt Houweling.
Bovendien raakt een personeelstekort in de zorg indirect ook de taken van de mantelzorgers, omdat er naast mantelzorg vaak ook formele zorg nodig is. En als die formele zorg niet kan worden gegeven, komen er nog meer zorgtaken bij de mantelzorger te liggen.
Uiteindelijk draaien de aanbevelingen van de SER volgens Houweling ook om erkenning en gelijke rechten voor mantelzorgers: “Mantelzorgverlof opnemen moet uiteindelijk net zo normaal worden als het opnemen van ouderschapsverlof”, concludeert hij.
Bekijk hieronder ook onze eerdere uitzending 'Werkende mantelzorgers zitten klem':