4 april 2016

Taaislijmziekte-patiënt (18) gedwongen te stoppen met werken door Participatiewet

Bekijk meer artikelen over: Werk en geld Bekijk meer artikelen over: Werken met een beperking

Scholier Haye van de Pas (18) uit Heerlen voelt zich gedwongen zijn bijbaan als vakkenvuller op te zeggen bij de lokale supermarkt vanwege de regelgeving rondom de Participatiewet. Van de Pas heeft Cystic Fibrose, een longaandoening ook wel bekend als taaislijmziekte. Hij is duurzaam arbeidsongeschikt verklaard door het UWV, maar met zijn werkzaamheden in de supermarkt bewijst hij juist het tegenovergestelde: namelijk dat hij wel arbeidsvermogen heeft. En daarmee zou hij het recht op de Wajong-uitkering in de toekomst mogelijk verliezen.

'Ik heb vanmiddag mijn baan opgezegd. De regels zeggen dat ik moet stoppen met werken. Het is ongelooflijk. Ik vind het heel moeilijk om aan te geven hoe ik me hierbij voel. Ik had zo graag willen werken en nu mag het niet meer. Het is een hele harde klap voor mij’, zo vertelt Van de Pas ons aan de telefoon. Zijn moeder nam contact met ons op na een oproep in ons dossier Werken met een beperking.

Dupe nieuwe regels

Het lijkt er op dat Van de Pas de dupe wordt van de nieuwe regels die opgenomen zijn in de Participatiewet. Deze is juist in het leven geroepen om mensen met een beperking weer deel te laten nemen aan het arbeidsproces. De Participatiewet gaat ervan uit dat mensen met een beperking die arbeidsvermogen hebben ook daadwerkelijk weer aan het werk gaan. Alleen mensen waarvan na keuring door het UWV blijkt dat ze echt niet kunnen werken, hebben nog recht op een speciale uitkering: de Wajong-uitkering.

Van de Pas is vanwege zijn aandoening duurzaam arbeidsongeschikt verklaard door het UWV. Hij heeft daarmee officieel geen arbeidsvermogen. Bij Van de Pas is de kans groot dat hij vanwege de aandoening binnen een paar jaar slecht gaat functioneren en niet meer kan werken.

Van de Pas zou graag net zolang doorwerken als zijn gezondheid hem dat toelaat en pas van de uitkering gebruik maken als het echt niet meer gaat. Maar dat lijkt niet te kunnen. Uit voorzorg zou hij al vanaf het moment dat hij van school komt een Wajong-uitkering ontvangen. En als hij gaat werken, zet hij deze uitkering op het spel. Met zijn werkzaamheden in de supermarkt zou hij namelijk het tegenovergestelde bewijzen van het oordeel van het UWV: namelijk dat hij wel arbeidsvermogen heeft. En daarmee zou hij het recht op de Wajong-uitkering mogelijk verliezen.

Recht op uitkering vervalt

Het UWV schrijft in een brief aan Van de Pas dat als hij zijn werkzaamheden voort zou zetten het ‘niet ondenkbeeldig’ is dat met terugwerkende kracht wordt vastgesteld ‘dat hij arbeidsvermogen heeft’ op het moment dat hij later een heropening van zijn Wajong-uitkering aanvraagt. ‘De Wajong toekenning vervalt in deze.’ Haye wil het recht op deze Wajong uitkering niet verliezen. Anders komt hij misschien in de WW terecht. Dan is zijn uitkering afhankelijk van zijn laatst verdiende inkomen. Dat valt voor hem waarschijnlijk lager uit omdat hij niet fulltime werkt. De Wajong-uitkering is een vast bedrag en niet afhankelijk van een inkomen.

Van de Pas is niet blij. ‘Het gaat mij niet eens om het geld. Ik vind het fijn om te werken en fijn om onder de mensen te komen. Ik ben 18. En nu kan ik voortaan thuis op de bank gaan zitten. Ik voel me schuldig naar mijn baas toe die me de kans heeft gegeven om bij hem aan de slag te gaan. Ik moet het nu opzeggen. De overheid denkt te weinig na. Nu worden voor het eerst de consequenties van de nieuwe regels duidelijk bij mij. ’

Chef: 'Heel vreemd dit'

Aanstaande zondag is zijn laatste werkdag. Zijn afdelingschef Barry Decker is verbaasd over de gang van zaken. ‘Haye beviel prima. Het is een goede medewerker. Zijn aandoening speelde geen enkele rol voor ons. Jammer dat hij zich om deze reden gedwongen ziet om te stoppen. Heel vreemd geregeld dit.’