7 maart 2019

Zzp’ers met schulden hebben een dubbel probleem

Bekijk meer artikelen over: Werk en geld Bekijk meer artikelen over: Schulden

In ons onderzoek naar problematische schulden krijgen we een tip van Pieter. Hij is zzp’er en alleenstaande vader van twee kinderen. De werkzaamheden die hij als zzp’er verrichtte liepen terug en de schulden liepen snel op. Inmiddels bedraagt zijn schuld zo’n 35.000 euro bij diverse instanties en particulieren.

Meerdere schuldeisers

‘Ik heb een schuld bij de belastingdienst van zo’n 7000 euro. Ook bij de gemeente heb ik een schuld omdat ik de gemeenteheffingen niet kon betalen. Dan loopt er nog een schuld op de zorgpremie. Die wordt namens de verzekeraar geïnd bij het UWV, via  het Centraal Justitieel Incassobureau, het CJIB. Daarnaast heb ik een schuld bij de energieleverancier, een huurschuld en nog een paar verkeersboetes bij datzelfde CJIB.’ Sommige overheidsinstanties zijn bevoegd om schulden rechtstreeks te vorderen en dus eigenhandig van bankrekeningen te halen. Dat overkomt Pieter ook een aantal keren. Hij komt hierdoor met zijn inkomen onder het bestaansminimum terecht. ‘Maandelijks kwam ik meer dan 600 euro tekort en met veel kunst en vliegwerk heb ik mij overeind weten te houden. Natuurlijk heb ik meerdere malen hulp gezocht bij instanties. Maar daar stuit je op een waslijst van eisen en 'niet kunnen inspelen' op de situatie.

Tussen wal en schip

Pieter merkt dat hij als zzp’er eigenlijk nergens heen kan voor hulp. Bij de gemeente vinden ze het ingewikkeld voor de schuldhulpverlening. Hij valt niet in het juiste hokje. ‘Ik verzoop in de vele regeltjes en de wirwar van hulpverleners. Geen van de instanties kon mij helpen bij het oplossen van mijn financiële situatie. Dit kan en moet echt beter.’ Uit eerder onderzoek is naar voren gekomen dat zzp’ers vaak door gemeenteambtenaren weggestuurd worden omdat ze een bedrijf zijn en geen privépersoon. Pas als ze hun eenmansbedrijf opzeggen zouden ze in aanmerking kunnen komen voor schuldhulp. Ook Pieter kreeg deze boodschap. Iets wat volgens hem op zijn leeftijd (60 jaar) de doodsteek zou zijn voor zijn werk. ‘Op mijn leeftijd betekent dat een vonnis tot de rest van mijn werkende leven in de bijstand. Want eerst moet alles tot op de grond worden kapotgemaakt? Dat is natuurlijk geen optie!’ 

Maatwerk

Volgens Pieter laat de overheid kansen liggen als het gaat om de behandeling van zzp’ers met schulden. Hij heeft daar wel een paar ideeën over: ‘Stel bijvoorbeeld één centrale hulpverlener aan die je bijstaat in de wirwar van instanties en je werk uit handen neemt. Maak een centraal gekoppelde lijst van schuldeisers waardoor er eerder ingegrepen kan worden en hulp verleend kan worden. Maak het voor zzp’ers makkelijker toegankelijk zonder dat je eerst alles tot de grond af moet breken wat je hebt opgebouwd. Kortom: lever maatwerk!’

Auteurs

R.W.

Robbert ter Weijden

Verslaggever