“Ik weet het nog precies. Mijn moeder belde me op en zei: ‘het ziekenhuis heeft een grote fout gemaakt. Er zijn té veel donorkinderen verwekt’. Ik dacht eerst: misschien zijn het er twintig. Maar toen bleek al snel dat het er zeker drieënveertig (!) waren. Ik had er nooit echt bij stilgestaan dat ik überhaupt halfbroers en -zussen had. Ik ben enig kind dus het kwam als een enorme schok.”

Maria is een donorkind. Via het ziekenhuis Rijnstate heeft haar moeder eind jaren ‘90 ervoor gekozen om als alleenstaande vrouw met behulp van een donor zwanger te worden. Maar haar moeder is nooit verteld dat het er zóveel zouden worden. Er werd eerst zelfs gesuggereerd dat de donor speciaal voor haar gereserveerd werd. Volgens de richtlijnen mochten niet meer dan 25 kinderen per donorvader verwekt worden en die grens is dus ruimschoots overschreden “Er zijn sindsdien nóg meer kinderen ontdekt, de teller staat op 60,” vertelt Maria “Dat ik zóveel halfbroers en -zussen heb, vind ik verschrikkelijk en tegelijkertijd wil ik weten wíe het zijn.“

Donorkind

Uitzending: wie beschermt het donorkind?

Het is duidelijk dat er grote fouten gemaakt zijn door het ziekenhuis. “Ik ben een soort massaproduct en mijn rechten als donorkind worden niet serieus genomen.” Want als ook de donor op de hoogte wordt gesteld van de hoge aantallen is dat voor hem een reden om alsnog van ‘bekende donor’ een ‘anonieme donor’ te worden. Sinds 2004 mag dit volgens de wet niet meer. Maar omdat hij voor die tijd heeft gedoneerd mag het wel. Het is een grote schok voor Maria als ze dit ontdekt: ”Ik wil gewoon weten waar ik vandaan kom. En dat was ook de afspraak die gemaakt is met mijn moeder en indirect dus ook met mij. Ik heb daar altijd op vertrouwd. Als dat opeens wegvalt dan is dat gewoon een enorme klap. Ik vind dat ik recht heb op die informatie.” Vijf jaar lang hebben Maria en haar moeder een rechtszaak gevoerd om achter de identiteit van de donor te komen.

"Beangstigend dat ik niet weet wie mijn familie is"

Dat er volgens de administratie van het ziekenhuis in totaal 60 kinderen zijn, vindt Maria nog steeds moeilijk te bevatten. “Het doet mij heel veel dat ik weet dat ik zoveel familie heb, maar dat ik nooit zal weten wíe dat zijn. Ik vind dat een heel naar idee.” Want het ziekenhuis wil geen rol spelen in het contact leggen tussen de kinderen.

Maria is zélf op zoek gegaan naar haar halfbroers en -zussen door zich in te schrijven op internationale DNA-databanken als MyHeritage en Ancestry. Aan deze steeds populairder wordende databanken kun je je eigen DNA afstaan
dat vervolgens vergeleken wordt met het DNA van anderen die zich ingeschreven hebben. Inmiddels heeft ze contact met negen ‘halfjes’ zoals zij ze noemt. “Ik heb laatst met één van m'n halfzussen een soort inventarisatie gemaakt van alle kinderen waar we iets van weten. We kwamen uit op ongeveer twintig. Dus we hebben nog maar een derde van onze verwanten achterhaald. De rest moeten we nog vinden. Als het er niet meer zijn, want het ziekenhuis sluit niet uit dat er nog meer kinderen zijn die niet in de administratie terug te vinden zijn. Het is een beangstigend idee dat er zoveel mensen rondlopen die familie zijn en dat ik daar dus helemaal niks van weet.”

80 procent tot 90 procent van de kinderen die verwekt zijn met een anonieme donor weten níet dat ze een donorkind zijn

Waar ze wonen, hoe ze heten? Maria weet het niet. “En misschien weten ze zelf ook niet dat ze een donorkind zijn.” Uit schattingen van belangenclubs van donorkinderen blijkt dat 80 procent tot 90 procent van de kinderen die verwekt zijn met een anonieme donor zelf níet weten dat ze een donorkind zijn. Het is hen niet verteld door hun ouders. Het gaat om ruim 30.000 donorkinderen.

"Het is maar een zaadje"

“Ik vind het altijd lastig als mensen tegen mij zeggen ‘het is geen echte familie’ of ‘het is maar een zaadje’. Je kan dat niet voor iemand anders invullen. Hoe ‘echt’ die familie voor je is, kun je alleen zelf bepalen.” Maria heeft ook ‘halfjes’ die geen behoefte hebben aan contact. "En dat is natuurlijk ook oké, maar waar het om gaat is dat iedereen die dat wél wil de mogelijkheid moet hebben om hun familie te leren kennen. En dat donorkinderen bij voorbaat die keuze wordt ontnomen vind ik schadelijk. En het is ook gevaarlijk, je kunt zomaar zonder het te weten een relatie aangaan met naaste familie, of zelfs een kind krijgen met je ‘halfje’.”

Els Leijs speurt als familie-detective onbekende vaders op

Deze donordetective spoort biologische ouders op: ‘Ik sta altijd aan de kant van het kind’

Tienduizenden kinderen in Nederland zijn niet van hun wettelijke vader. Maar van wie dan wel? Daarvoor gaat de donor-detective op zoek

Maria is zich altijd bewust van het feit dat ze overal ‘halfjes’ tegen het lijf kan lopen: “Als ik nieuwe mensen ontmoet die ongeveer mijn leeftijd hebben en een beetje op mij lijken denk ik al snel: zouden ze familie zijn? Ik ben er eigenlijk altijd mee bezig en dat zal de rest van mijn leven blijven.” Laatst had Maria weer een match via één van de internationale DNA-databanken. “Dat geeft stress: hoe neem ik dan contact op? Ik moet ook voorzichtig zijn, want straks weet diegene niet dat hij een donorkind is. Het is aftasten, weet diegene hoe de vork in de steel zit? Dat is een verantwoordelijkheid waar je niet om gevraagd hebt. Er is geen standaard manier om met elkaar om te gaan. Je moet het allemaal maar met elkaar uitvinden. En dat is iedere keer weer stressvol en een zoektocht.”

Ziekenhuis Rijnstate erkend dat er in het verleden fouten zijn gemaakt. Maar zegt passende maatregelen te hebben genomen: “De procedures zijn zodanig aangepast dat er binnen Rijnstate momenteel geen risico is op het overschrijden van het aantal nakomelingen.“

Deens sperma komt naar Nederland

Vrouwen kiezen vaker voor een kind uit Deens donorzaad

Wil je op de hoogte blijven van dit onderzoek?

Elke week sturen we je onderzoeksverhalen, tips van de redactie, en verhalen die je nog van ons kan verwachten.