4 februari 2021

Hoe komt een Nederlandse zak met plastic rotzooi in een vermeend illegale fabriek in Maleisië?

Bekijk meer artikelen over: Wonen en leefomgeving Bekijk meer artikelen over: De plasticplaag

Voor ons onderzoek naar de Plasticplaag proberen we de internationale handel in plastic afval in kaart te brengen. Niet al het plastic afval dat we verschepen, komt namelijk goed terecht, vertellen tipgevers ons. Er zijn ook illegale recyclers die een deel dumpen of verbranden in de open lucht. We willen weten hoe dat kan, want volgens de regels mag alleen schoon recyclebaar afval zomaar verscheept worden. 

We beginnen maar bij de rotzooi zelf, want: van Turkije tot Indonesië, Nederlands plastic vinden we overal. Kunnen we reconstrueren hoe het daar gekomen is? We proberen het met een Nederlandse zak op het terrein van een vermeend illegale recyclefabriek in Maleisië. We krijgen er een foto van toegestuurd door een Deense journalist, die onderzoek doet naar de recycling van Deens plastic in het buitenland. Wat is dat voor zak die zij daar aantreft? En hoe komt het daar?  

Zelf kunnen we niet gaan kijken, dus we nemen contact op met een Maleisische journalist: kan hij naar de fabriek gaan om te kijken waar het staat en wat erin zit? Selvanaban Mariappen vindt het geen probleem en hij begint 1 november 2019 aan de 5 uur durende rit vanuit Kuala Lumpur naar Sungai Petani waar de fabriek zich bevindt.  

Geen vergunning 

Volgens Mariappen staat de zak op een bewaakt terrein van een fabriek die geen vergunning heeft om te mogen recyclen. Mariappen: “In Maleisië heb je als fabriek wel tien vergunningen nodig. Lokaal en nationaal.” Hij stuurt foto’s en filmpjes van de zak en de plek waar hij ligt. We zien dat er een soort plastic poeder in zit. Wat is het? Mariappen weet het ook niet. We vragen hem het op te sturen, zodat we het zelf kunnen bekijken en laten analyseren in een lab. 

Big bag van een Nederlandse recycler

Op de video’s die Mariappen voor ons maakt, zien we ook dat er niet één maar wel tientallen van die zakken, ook wel big bags genoemd, staan. Veel met de Nederlandse naam erop. Het gaat om het bedrijf Morssinkhof Rymoplast uit Lichtenvoorde. Volgens hun eigen website een ‘vooraanstaand leverancier van maalgoed, regranulaat en compounds’ en ook ‘een betrouwbare afnemer van gesorteerde post-consumer en post-industriële kunststofstromen’.

Maar: als ze zo betrouwbaar zijn, wat doen hun zakken daar dan op een duister fabrieksterrein in Maleisië? We vragen het aan directeur Matthijs Veerman, die toevallig ook voorzitter is van NRK recycling, de branchevereniging van Nederlandse recyclers.  
Doet hij zaken met die fabriek, die volgens Mariappen van een bedrijf genaamd Green Mark Technology is? “Zowel de naam van de recycler als de plaatsnaam komen niet voor in ons systeem en zeggen mij persoonlijk ook niets, geeft Veerman aan. Hij vertelt dat maar 1 procent van hun totale handel in het verleden geëxporteerd werd naar Azië: “En dat neemt eigenlijk alleen maar verder af.” 

De tekst gaat verder onder het kader.

Stuurden we nou 6 miljoen kilo of 18 miljoen kilo?  

Plastic afval is big business. In 2019 exporteerde Nederland 361 miljoen kilo plastic afval, maar importeerde ook weer 582 miljoen kilo. De hoofdmoot van die handel vond plaats met België, Duitsland en Engeland, maar ook verre landen zijn dus onze handelspartners. Hoeveel plastic afval sturen we eigenlijk naar Maleisië voor recycling? We zoeken verder in Comtrade, de handelsdatabase van de Verenigde Naties, op code 3915: ’Waste, parings and scrap of plastics’. Volgens de database exporteerde Nederland in het laatste bekende jaar, 2019, iets meer dan 6 miljoen kilo naar Maleisië. Maleisië importeerde onder dezelfde code volgens de database in hetzelfde jaar vanuit Nederland echter 18 miljoen kilo. Dat is drie keer zoveel. Hoe kan dit?  

Het CBS laat ons weten dat landen zelf cijfers opgeven aan ComtradeNiet ieder land geeft daarbij, ondanks de geharmoniseerde codes, precies hetzelfde op. De een doet bijvoorbeeld de doorvoer (materiaal dat alleen het land inkomt en dan meteen weer wordt geëxporteerd naar een ander land, red.) er wel bij, de ander niet. En wat de een als afval ziet, ziet de ander misschien als product. Maar drie keer zoveel? Dat is wel een heel groot verschil? Comtrade raadt aan om uit te gaan van de importcijfers omdat die de werkelijkheid meestal beter weergeven. Het CBS gaat liever uit van de Nederlandse cijfers; die zijn door de douane gecontroleerd. Op een reactie van het statistiekbureau van Maleisië wachten we nog.  

Van andere bronnen horen we ook dat Morssinkhof een goede naam heeft, en dat het ze zou verbazen als Morssinkhof zaken zou doen met een illegale fabriek. Veerman heeft wel een andere verklaring: “We gebruiken ieder jaar grofweg 100.000 big bags met onze bedrukking om ons materiaal in te verzenden. Die big bags zijn in principe voor eenmalig gebruik, maar in de praktijk zien we dat ze worden ingezameld door waste managers van onze klanten.” Die afvalmanagers beoordelen of een big bag nog eens gebruikt kan worden of niet, legt Veerman uit. “Als de big bags verkocht worden voor hergebruik, dan kan ieder willekeurig bedrijf ze gebruiken voor welk product dan ook. Zo hebben we zelf ook al regelmatig materiaal in onze eigen big bags aangeleverd gekregen dat niet door ons geproduceerd is.” 

Plastic poeder 
Inmiddels hebben we de analyse van het lab terug. Misschien kunnen we iets herleiden uit het plastic dat in de zak zit? Het poeder of gruis is inderdaad plastic, meldt de onderzoeker ons. Het bestaat uit high density polyethyleen (HDPE) en low density polyethyleen (LDPE). Materiaal waar bijvoorbeeld afvalzakken, landbouwfolies, verpakkingen, speelgoed, technische onderdelen en huishoudelijke apparaten van gemaakt worden.    

We vragen ook andere bronnen die we spreken ernaar: herkennen zij het? We horen dat het weleens om floor sweep zou kunnen gaan. Afval dat overblijft na het recyclen. Ook de Maleisische journalist heeft wat rondgevraagd. Hij heeft begrepen dat het een restproduct is van het recycleproces: “Het plastic afval wordt verhit tot het een dikke putty is, dan wordt het in repen en vervolgens in pellets gemaakt. En het poederspul is wat overblijft.” De ashes noemt hij het en volgens Mariappen kunnen recyclers er niks mee. “Het wordt gedumpt of verbrand wat voor vreselijke stank en vervuiling zorgt. Soms zien we hele bergen ervan liggen.” 

'We vinden hele bergen van het plastic poeder'

Fabriek verdwenen 
Dat willen we checken bij de fabriek zelf: Kunnen zij uitleggen waar de zakken vandaan komen en wat ze ermee doen? We zijn inmiddels een jaar verder in ons onderzoek en Mariappen stapt voor de tweede keer voor ons in zijn auto naar Sungai Petani. Maar wat blijkt? Alles is weg. “Ik heb wat rondgevraagd,” laat Mariappen weten. “En iedereen zegt dat de fabriek is gesloten na verhalen over dat ze milieuvoorschriften en overheidsregels aan hun laars lapten.”  

Dus ze zijn zomaar ineens verdwenen? “Ik heb gezocht in Sungai Petani, Bedong, Kuala Ketil and Bukit Selambau, maar ik kon nergens een nieuwe vestiging vinden.”  

Ook de website, die een paar weken geleden nog gewoon in de lucht was, ligt eruit en de nummers die we bellen zijn onbereikbaar of niet in gebruik. We sturen een mail, maar die komt weer terug omdat het mailsysteem van de ontvanger niet antwoordt. We proberen via Linkedin met de general manager in contact te komen, maar ook daarop krijgen we geen reactie. De fabriek lijkt in rook opgegaan.  

Waar zijn de zakken?

Maar waar zijn dan nu de zakken? Die vraag blijft onbeantwoord. Als we Mariappen zo horen, ligt het voor de hand dat ze gedumpt of verbrand zijn. Voor een bedrijf als Morssinkhof is dit natuurlijk geen fijne boodschap. Veerman: “We vinden het uiteraard vervelend dat onze verpakking wordt gevonden op een locatie die geassocieerd wordt met illegale recycling. Wij investeren juist in recycling in Europa, daar ligt sinds de oprichting van ons bedrijf in 1961 de focus.”  

Gesloten kringloop? 
Morssinkhof wil een gesloten kringloop en daar werken ze hard aan, zo meldt Veerman. Dat hun ‘verpakking’ opnieuw gebruikt wordt, kunnen we ze niet aanrekenen. Veerman: “Zo kan een jampot nadat de jam op is, ook opnieuw gebruikt worden voor het bewaren van afgetapte motorolie. Als die jampot gevuld met olie vervolgens gevonden wordt op een plek waar het niet thuis hoort, kun je daar dan de jamproducent op aanspreken?” 

Misschien niet. Maar toch: een recycler als Morssinkhof, met een goede naam, zal er niet blij mee zijn dat zijn logo opduikt op een duistere locatie. Dat is geen lekkere reclame. Misschien toch maar statiegeld vragen voor de zakken en ze zelf recyclen dan? “Dat zou een optie kunnen zijn, ware het niet dat er hele strenge veiligheidseisen aan die big bags worden gesteld omdat er een hoog gewicht in wordt verpakt. Wij kunnen ze dus maar 1 keer gebruiken.” Maar in Maleisië zijn ze er blij mee? “Voor hen is het wellicht een goedkopere vorm van verpakking.”  

Deze publicatie is tot stand gekomen met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten en het Journalism Fund.eu  

Onderzoek

We duiken samen met onderzoeksplatform Lighthouse Reports, De Groene Amsterdammer en het Belgische Humo en De Tijd in de handel in plastic afval. Wij horen namelijk dat het in de praktijk niet zo rooskleurig gaat als op papier. Waarom sturen we tonnen plastic de oceanen over? Hoe verdienen handelaren daaraan? En: waar gaat het mis? Meer weten? Kijk dan maandag 8 februari naar onze uitzending (22:20 uur op NPO2). 

Weet je hier meer over? Deel jouw verhaal!

Auteurs

K.G.

Karen Geurtsen

Redacteur