Desinformatie over trans personen is wijdverspreid in Europa. Zo wordt online beweerd dat trans mensen mentaal ziek zijn, dat het een uiting zou zijn van depressie of autisme en dat veel mensen spijt krijgen. Wat hiervan klopt, onderzocht Pointer Checkt.
Claim 1: Trans zijn is een psychische stoornis
Eén claim die online veel rondgaat, is dat trans mensen een psychische stoornis zouden hebben. Dat stelde bijvoorbeeld ook FvD-Kamerlid Gideon van Meijeren in de Tweede Kamer in 2025: "Feit is dat genderdysforie wordt aangemerkt als een psychische stoornis. (...) Zo staat het geclassificeerd in de DSM5. (...) Ik voel compassie voor deze mensen zoals ik ook compassie voel voor andere mensen die aan een ziekte lijden."
Tot 2015 werd in de DSM-IV inderdaad nog de term 'genderidentiteitsstoornis' gebruikt. In de DSM-5 is deze term vervangen door 'genderdysforie'. Met de wijziging is afstand genomen van het idee dat er sprake is van een psychische stoornis bij mensen die trans zijn. In plaats daarvan ligt er nadruk op het lijden dat kan ontstaan door de incongruentie tussen iemands ervaren gender en het toegewezen geboortegeslacht. Door deze classificatie in de DSM-5 is het voor de groep nu makkelijker om zorg te ontvangen.
Claim 2: Bij trans mensen is iets anders aan de hand
Daarnaast leeft bij sommigen het idee dat transgender zijn voortkomt uit andere onderliggende psychologische of sociale problemen. Zo beweert Caroline Franssen, voorzitter van Stichting Voorzij, in de podcast The Trueman Show: "Jongeren die in transitie gaan, dat zijn ook mensen die in de war zijn. (...) meestal hebben ze psychiatrische diagnoses."
Christa van Bunderen, endocrinoloog bij het Radboud UMC, zegt: "Kip en ei is bij psychische klachten vaak ingewikkeld om te ontrafelen. Maar wat wij juist zien is dat die lijdensdruk, de knelling die ontstaat doordat mensen niet zichzelf kunnen zijn, vaak leidt tot psychische klachten. En dat dit met behandeling en begeleiding juist minder wordt."
Mensen die trans zijn hebben gemiddeld meer last van mentale problemen, zoals depressie en suïcidale gedachten, dan cis mensen. Maar dat komt deels ook omdat ze te maken krijgen met discriminatie en interne worstelingen. De Gezondheidsraad schrijft in juni 2026: "De zorgvraag van trans personen komt enerzijds voort uit de innerlijke ervaring van een lichaam dat niet past bij de ervaren gender, en anderzijds uit een gebrek aan acceptatie voor genderdiversiteit in de sociaal-maatschappelijke omgeving."
Claim 3: Trans zijn is een uiting van autisme
Online gaat ook veel rond dat trans mensen eigenlijk autistisch zouden zijn. "We zien dat er bij trans mensen vaker autisme voorkomt dan in de gehele populatie", legt Van Bunderen uit. "Maar de directe relatie is nooit aangetoond. Waarom dat nu zo vaak samen voorkomt, weten we nog niet goed. Er wordt wel veel onderzoek naar gedaan."
Recent onderzoek laat zien dat 11 procent van de personen met genderdysforie of genderincongruentie autisme heeft, in vergelijking met 1 of 2 procent van de cisgender bevolking. Mogelijke verklaringen die worden geopperd zijn onder andere dat mensen met autisme minder druk ervaren om zich te conformeren aan traditionele genderrollen of verwachtingen van de maatschappij, zich ongemakkelijk voelen bij hun gender of meer open staan voor gendervariatie omdat ze minder bezig zouden zijn met sociale signalen. Maar deze verklaringen zijn in onderzoek nog onvoldoende bewezen.
Claim 4: Trans zijn is een fase
Een andere veelgehoorde claim is dat trans zijn in veel gevallen vanzelf over zou gaan en dat trans zijn eigenlijk een fase is. Zo melden verschillende genderkritische websites, zoals transspijt.nl, dat genderdysforie in 80 procent van de gevallen vanzelf overgaat als je het niet behandelt.
In ons eigen centrum ligt het aantal mensen met spijt onder de 1 procent.
Van Bunderen: "Er zijn studies die laten zien dat veel jongeren weleens het gevoel hebben dat ze eigenlijk een jongetje of een meisje zijn. Bij kleine kinderen hoor je dat regelmatig en dat gaat inderdaad ook vaak over. Maar bij de mensen die wij hier in het ziekenhuis zien, bij wie het echt al langdurig speelt, gaat het niet in de meeste gevallen over. De consistentie van de wens is juist waar vooraf veel aandacht aan wordt besteed."
Claim 5: Veel trans personen krijgen spijt
Naast de claim dat het een fase is, gaat online ook veel desinformatie rond over spijt na transitie. Zo'n 30 procent van de trans mensen zou spijt krijgen van hun transitie, schrijven genderkritische organisaties zoals Stichting Voorzij. Dat getal komt niet uit wetenschappelijk onderzoek; grote studies komen uit op een percentage van ongeveer 1 procent.
Van Bunderen: "Spijt is best wel een lastig begrip. De vraag is: wat verstaan we onder spijt? Het is niet makkelijk om daar cijfers over te vinden. In ons eigen centrum hebben we ook de getallen in kaart gebracht en vinden we dat het getal onder de 1 procent ligt."
De Gezondheidsraad schrijft dat grote studies op lage cijfers uitkomen, maar dat er ook kanttekeningen te maken zijn bij die studies. "Veel studies hebben te maken met substantiële uitval van deelnemers tijdens de studieperiode, of rapporteren hier niet over, waardoor cijfers over stoppen, spijt of detransitie niet betrouwbaar kunnen worden vastgesteld."
Daarom is het extra belangrijk om aan de voorkant zorgvuldige afwegingen te maken, zegt Van Bunderen. "Er gaan, zeker bij jongeren, maanden aan gesprekken aan vooraf voordat iemand überhaupt mag starten met medicatie. Als er zorgen zijn dat het om een fase gaat, of dat het door de omgeving zou komen - wat weleens wordt gesuggereerd - wordt dit allemaal uitgebreid onderzocht samen met een ervaren psycholoog."
Geen potje geluk
En hoewel een medische transitie het welzijn van veel trans personen verbetert, lost een behandeling niet altijd alles op. Psychische begeleiding blijft ook belangrijk. Van Bunderen: "Eén van onze psychologen zegt altijd: 'Het is geen potje geluk'. Maar we proberen wel het lijden te verlichten, en dat zien we ook echt gebeuren."
In Nederland is er een groeiende anti-genderbeweging, die bestaat uit verschillende groepen die zich verzetten tegen de uitbreiding van transrechten. Het gaat om een breed netwerk van rechtse, religieuze en maatschappelijke organisaties, die ideologisch van elkaar verschillen maar op dit vlak een gezamenlijke visie delen: de uitbreiding van transrechten is een bedreiging voor hun eigen waarden. Zo staan er verschillende websites online die op eerste gezicht feitelijke informatie verschaffen, maar eigenlijk desinformatie bevatten.
Wie betrouwbare informatie zoekt over dit onderwerp, kan terecht bij de huisarts, transgendernetwerk.nl of transvisie.nl.
Meer weten over dit onderwerp? Kijk hieronder de nieuwe aflevering van Pointer Checkt (KRO-NCRV) over misinformatie over trans personen, of via het YouTube-kanaal van NPO Start Next.